De klacht van de 45-jarige vader over het AD is ongegrond verklaard. Anders dan bij GeenStijl is hij in de reacties die zijn blijven staan onder het gewraakte artikel met het dakmoordfilmpje niet (meer) herkenbaar met naam en/of link naar een foto.
"De enige lezersreactie waarin de achternaam van klager is vermeld, is inmiddels door verweerder van de website verwijderd. In de overige reacties worden weliswaar harde woorden gebruikt, maar die kunnen niet worden beschouwd te zijn gericht tot klager persoonlijk, nu hij in de publicatie niet voor het grote publiek herkenbaar is."
Dezelfde argumentatie geldt voor de ongegrond verklaarde klacht van de zoon tegen het AD. De redactie van de website heeft zorgvuldig gehandeld en geen grenzen overschreden.
De eis van de klagers om het filmpje te verwijderen vindt de Raad onjuist. Publicatie en archivering zijn journalistieke belangen. Het filmpje is naar de achtergrond verdwenen en treedt weer met een link naar voren zodra dat opportuun is in verband met andere berichtgeving.
Wel herkenbaar
De uitspraken impliceren dat de klachten wellicht alle gegrond verklaard zouden zijn indien de gezichten van de mannen op het filmpje wel goed herkenbaar geweest zouden zijn. Met andere woorden: heeft het toeval (?) dat dit een vaag filmpje was een rol gespeeld bij met name het AD om dit te publiceren? Het staat buiten kijf dat GeenStijl het filmpje ook gepubliceerd zou hebben met goed herkenbare gezichten.
Job Knoester en Floris Holthuis van Nolet Advocaten stelden dat vader en zoon op het dak in het gewraakte filmpje 'mogelijk herkenbaar' in beeld zijn gebracht: "Postuur en lichaamshouding zijn immers bij uitstek zaken waardoor personen kunnen worden geïdentificeerd, met name wanneer dat waarneembaar is op bewegende beelden."
Knoester heeft kritiek op de uitspraken van de Raad: "Hij stelt dat vader en zoon niet herkenbaar zijn voor het grote publiek maar erkent dat ze herkenbaar zijn in de eigen sociale omgeving. Dat lijkt me nog erger, en daarmee ook de combinatie met de lasterlijke reacties. De inbreuk op de privacy is juist nog ernstiger daar die in de eigen sociale omgeving plaatsgrijpt."
Het filmpje, zegt Knoester, heeft er bovendien toe bijgedragen dat de mannen op het dak als moordenaars zijn beschouwd terwijl juist degene die wordt verdacht van het toedienen van de messtreken er niet op staat.
Knoester vindt het ook opvallend dat de Raad de reacties op GeenStijl 'diffamerend' noemt en op AD.nl slechts 'hard. Knoester ziet dat onderscheid niet zo. Hij vindt dat op beide reactiepanelen een aantal uitingen buitengewoon grievend zijn en daar niet thuis horen.
De advocaat bezint zich nog op een civielrechtelijke procedure met mogelijk een eis tot schadevergoeding: "Dat is mijn terrein niet dus daarover moet ik met collega's overleggen." Tegen GeenStijl deed hij namens de vader eerder al aangifte bij de officier van Justitie.
Het AD berichtte dat ze de zaken voor de Raad voor de Journalistiek 'wint'. GeenStijl publiceerde eerst iets van een nieuwsbericht waarin ze triomfantelijk vermeldde van drie van de vier klachten te zijn vrijgesproken. Dus dat de site de Raad voor de Journalistiek niet erkent is daarmee niet zo hard.
Ook gaat GeenStijl in een commentaarserieus in op de uitspraken ofschoon ze er geen gevolgen uit trekt. Een dag later volgde nog een reactie die GeenStijl-waardig was.
In het eerste stukje spreekt GeenStijl overigens over de klagers als de vader en 'de dakmoordenaar'. Maar dat is onjuist, het ging om de broer van de verdachte als tweede klager. Daarmee nog eens bevestigend wat Knoester zei: dat het filmpje, waarvan de Raad publicatie (terecht) goedkeurt, tot verwarring leidt.