Rechter beslecht vooralsnog bonje om Public-Root
Ter plekke wilde rechter Marion Poelmann van de Amsterdamse rechtbank de kibbelende partijen om het Public-Root internetdomeinsysteem laten tekenen voor een schikking. Het kwam er uiteindelijk niet van. Maar Herman Xennt krijgt de geëiste controle er niet over.
Een zaaltje van de rechtbank aan de Parnassusweg in Amsterdam, op 8 maart 2006, des middags 16.00 uur: een eisende nerd, de verdedigende manager en hun advocaten voor de rechter en griffier, een boekhouder en adviseur als publiek, gadegeslagen door Netkwesties. Ging het hier echt om potentieel honderden miljoenen euro's aan handel in nieuwe domeinnamen voor het internet?
Ja, wel degelijk. Dat was één van de weinige zaken waarover Herman Xennt uit Goes, en zijn voormalige adviseur en nu vijand Martijn Burger uit Bussum het nog steeds eens zijn: hun Public-Root systeem waarover we vorige week uitgebreid publiceerden is werkelijk een goudader. En die wilde Herman Xennt alleen bezitten. En dat was hem ook beloofd door Martijn Burger die de zaken op 17 augustus 2005 zou regelen. Maar het kwam er toen niet van.
De beheerder en mede-ontwikkelaar van Public-Root, Herman Xennt, had met advocaat Benito Boer van Alt Kam Boer Advocaten in Den Haag het kort geding aangespannen tegen zijn voormalige adviseur Martijn Burger De inzet: alsnog hun overeenkomst over Public-Root van 17 augustus 2005 uit te voeren. Xennt bracht ook internetjurist Frank van der Loos mee als adviseur, die 'klussen'deed voor Public-Root en domeinhandelaren UNIDT en UnifiedRoot.
De overeenkomst kwam als volgt tot stand: de aandelen van Public-Root Ltd. van Xennt zouden overgaan naar een stichting. De stichting zou bestuurd worden door een vereniging. Xennt zou enig lid worden gemaakt van de vereniging en dus via-via nog de enige blijven met zeggenschap over Public-Root.
Om het nog ingewikkelder te maken: Martijn Burger zou wel directeur zijn van de stichting en het bestuur vormen van de vereniging, zonder zelf lid van beide organen te zijn. Hij zou dus, zeg maar, uitvoerend directeur worden met Xennt als de werkelijke baas.
De reden voor Xennt om het zo omslachtig te regelen was de volgende: hij heeft een moeilijk verleden en wilde mede om die reden geheel op de achtergrond blijven. De leden van een vereniging zijn niet openbaar dus zo was de hand van de baas onzichtbaar te maken.
Maar nu noteerde rechter Peolmann uit de mond van Xennt in het openbaar dat hij een schuld van 1 miljoen gulden (nu 450.000 euro) van eerdere faillissementen persoonlijk meesleept alsmede een niet zo florissante reputatie met financiële kwesties.
Goudader exploreren
Die schuld zou als sneeuw voor de zon verdwijnen bij de exploitatie van nieuwe domeinnamen, hoopte Xennt. In principe bestaat de mogelijkheid dat alternatieve domeinnamen honderden miljoenen euro's opbrengen, indien deze inderdaad ingang vinden. Het betreft domeinnamen zoals bijvoorbeeld .sex, .shop en .talpa. Onder meer bedrijven als Schiphol en Brinks behoren tot de concerns die voor de zekerheid hun eigen domein .schiphol en .brinks al hadden geregistreerd.
Public-Root is een technische infrastructuur die de mogelijkheid biedt om genoemde nieuwe top level domains (TLD's) aan te maken naast de bestaande structuur van .com en .net en .nl en .be etcetera. Public-Root is decennia terug al opgezet door internetpioniers maar ze kregen er geen toegang mee tot de officiële registratie en routering van www-adressen. Enige jaren terug kwam Herman Xennt in contact met de makers ervan en ze bedachten samen een plan voor commerciëele exploitatie van de nieuwe domeinnamen.
Hoe dat alles mislukte beschreven we de vorige keer. Ondertussen was niet Xennt nog de eigenaar meer van Public-Root, maar de stichting Inaic. Xennt eiste dat Burger die belofte van het enig lidmaatschap van de controlerende vereniging alsnog zou nakomen. De belofte was gedaan in het bijzijn van een notaris die een schriftelijke getuigenis produceerde voor dit kort geding.
Mr. Poelmann sprak van een 'gedrocht' en een 'kerstboom' van een eigendomsconstructie, maar gaf Xennt wel gelijk in zijn eis. Edoch, er waren zoveel al dan niet bevestigde afspraken en bijbehorende onderhandelingen in het geding, dat ze niet wilde toestaan dat Xennt inderdaad alsnog de enige eigenaar zou worden. Het belangrijkste bewijsstuk voor dat vonnis vormt een handgeschreven overeenkomst met andere afspraken over de verdeling van de zeggenschap, meer gelijk over Xennt en Burger. Xennt bevestigde ter zitting dat één van de handtekeningen daaronder van hem was.
Ook waren de statuten van de vereniging en stichting ondertussen een paar maal gewijzigd. Hoe dat verder precies zat zou, vond Poelmann, moeten blijken uit een getuigenverhoor of een bodemprocedure. Er waren te veel twijfels gerezen om in kort geding de eis toe te wijzen dat Xennt enig lid en zou worden en definitief de controle over Public-Root zou verwerven. Hij moest overigens van Poelmann wel lid gemaakt worden, zoals afgesproken, maar niet het enige.
In toom houden
Xennt had wel degelijk rechten volgens Poelmann: "Xennt heeft toestemming gekregen voor exploitatie. Al heeft dat juridisch geen bodem wellicht, je kunt die toezegging niet intrekken. Je kunt wel campagne voeren en het de andere partij moeilijk maken."
Poelmann, basaal: "Welke kerstboom ook, en hoe Xennt eerder ook via welke moeilijke constructies via Panama en eigenaar van de aandelen Public-Root is geworden, doet er niet zo veel toe. Hij is uitgegaan van een grote potentiële waarde, anders tuig je zo'n kerstboom niet op."
Poelmann: "Xennt heeft iemand nodig die hem in toom houdt, die zijn zaken regelt. Want hij is wel technisch maar niet zakelijk aangelegd anders maak je niet zo'n grote schuld. Dus logisch dat hij de heer Burger erbij haalde. En logisch dat hij bang was dat deze er met Public-Root vandoor zou gaan."
En tegenover Xennt: "U heeft zichzelf gigantisch in de nesten gewerkt vanwege het gedrocht van een constructie waarvoor u heeft gekozen. Daardoor maakte u uzelf toch altijd afhankelijk van een ander."
En tegen Burger: "Heeft u nog steeds niet door dat mijnheer Xennt vreest dat de poten onder zijn stoel vandaan gezaagd worden? als u die afhankelijk positie van de heer Xennt niet inziet, dan houdt het op."
Daarmee bracht ze Xennt in een slachtofferrol die op grond van alles wat zich rond Public-Root heeft afgespeeld niet geheel terecht was. Ze kwam hem tegemoet in de eis dat Public-Root niet mag worden verkocht hangende de procedures, noch de activa ervan. Dit alles op straffe van een dwangsom van 500.000 euro. In feite controleren Burger en zijn compagnons tot die tijd Public-Root, naar het zich laat aanzien.
15 leden gemaakt
Maar enig lid van de vereniging en daarmee de Stichting beheersen die Public-Root heeft was ook onmogelijk geworden. Burger repte over inmiddels 15 nieuwe leden van de vereniging, personen en organisaties 'uit de internetgemeenschap'. De rechter geloofde hem zonder enige namen te checken.
Burger kon Netkwesties ook na afloop geen namen van leden verstrekken. Later noemde hij de namen wel. Het gaat om oorspronkelijke personen betrokken bij Public-Root zoals Joe Baptista en anderen die in het vorige artikel zijn genoemd. Ze vertegenwoordigen niet 'de internetgemeenschap' in brede zin zoals voor de rechter gesuggereerd, maar wel de direct belanghebbenden.
Accountant Willem Jan Spohr van Hutchison Partners in Elst, adviseur van Burger, getuigde vanaf de publieke tribune dat er na 17 augustus andere afspraken waren gemaakt om een tot een 'solide organisatie' te komen, dat wil zeggen meer een 50-50 verdeling dan Xennt's enige eigendom. Partijen zouden zelfs bij een specialist in moeilijke eigendomsconstructies in 's Heerenberg hebben afgesproken om een andere vorm te bekrachtigen. Of ze daar nu wel of niet waren geweest met z'n allen kon zelfs tijdens de zitting niet duidelijk worden.
Xennt zou toegestemd hebben in ruil voor de toezegging van Burger dat diens schulden vereffend zouden worden uit inkomsten met onder meer Public-Root. Was dat gebeurd wilde de rechter weten? Nee, dat was niet gebeurd. Dus was er reden genoeg om aan de uitvoering van de nieuwe 50-50 overeenkomst te twijfelen, vond ze. In het vonnis van gisteren, 23 maart 2006 zegt Poelmann dat niet uit te sluiten is dat de geschreven overeenkomst inderdaad een afspraak behelsde. Dat is een aanzijzing dat er inderdaad andere afspraken zijn gemaakt dan Xennt als enige baas van Public-Root.
Xennt is momenteel nog steeds geen lid. Wederom zijn er problemen. Xennt's raadsmannen vrezen dat Burger het Xennt als lid zo moeilijk zou gaan maken dat er geen samenwerking mogelijk zou zijn. Daar kon rechter Poelmann zich niet druk om maken: buigen of barsten, gebood ze zo ongeveer.
Immers, de verwarring over de werkelijke afspraken was groot genoeg voor Poelmann om de eis uiteindelijk niet geheel toe te wijzen: het gevolg is dat Xennt nu met de oorspronkelijke makers van Public-Root en Martijn Burger leden zijn van de vereniging die de zeggenschap heeft over Public Root.
Zo eindigde de zitting niet in winst voor Xennt, maar ook niet in verlies. De kosten van het geding moeten de partijen dan ook delen.
'Snap er niets van'
En wat bezitten ze daarmee? Dat zal de toekomst leren. Voor de buitenstaander, dus ook voor de rechter, is het onbegrijpelijk dat partijen als ze menen de heilige graal van domeinenland te bezitten, niet als de wiedeweerga samen hartstikke rijk ervan gaan worden.
Er resteren nog problemen genoeg: zo claimde Xennt, ook ter zitting, dat hij het intellectueel eigendom van Public-Root bezit. Dit is feitelijk nog niet toegekend maar er loopt een aanvraag waarvan de formulering discutabel is. Want om welk exclusief recht gaat het precies met Public-Root?
Wat die Public-Root nu al dan niet voorstelt qua exclusieve software en infrastructuur bleef ook op de zitting onduidelijk. Een poging tot uitleg van Xennt mislukte. Poelmann, buitengewoon vaardig in het ontleden van complexe kwestie, uitte vertwijfeld: "Ik snep er helemaal niets van."
En even later: "Het blijft voor mij allemaal vaag. Als ik het goed begrijp zijn de heren [bedenkers van Public-Root zoals Baptista red.] eigenaar van niets. Ze bezitten feitelijk geen macht."
Bovenal ontstaat nu het probleem dat de Stichting Inaic zegt de Public-Root plus de bijbehorende registratierechten voor nieuwe domeinen te bezitten. Maar dit exclusieve recht claimt ook UnifiedRoot. We komen daar in een ander artikel in deze uitgave op terug.
En er is een vervolg te verwachten. Volgens Martijn burger heeft UnifiedRoot helemaal geen rechten voor de nieuwe domeinnamenhandel en heeft ze illegaal een databank met reeds geregistreerde domeinnamen gekopieerd bij voorganger UNIDT.
[Peter Olsthoorn, 24 maart 2006]
|