'Landelijk internetstemmen 2007 te vroeg'
De VVD wil dat we via internet kunnen stemmen bij de parlementsverkiezingen over twee jaar. Deskundigen vinden die eis niet realistisch.
Afgelopen vrijdag riep de VVD minister Alexander Pechtold van Bestuurlijke Vernieuwing op tot de invoering van stemmen via internet voor iedereen bij de komende Tweede-Kamerverkiezingen in 2007. Over het onderwerp was het intussen vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken bijna een jaar vrijwel stil geworden. Tot ergernis van VVD'er Zsolt Szabo, de ICT-woordvoerder van de partij. Wat hem betreft is er geen reden voor getreuzel.
In 2004 is er tijdens de Europese Verkiezingen een eerste geldig experiment gehouden met Nederlanders die vanuit het buitenland via internet konden stemmen. Dat project kostte bijna 2 miljoen euro. Een enorme hoeveelheid geld voor de in totaal 4871 Nederlandse burgers - nog niet eenderde van alle kiezers uit het buitenland - die uiteindelijk via internet hun stem uitbrachten.
"Ik heb geen zin om nog eens drie jaar te wachten tot de volgende kleine proef", zegt Zsolt Szabo. "Het gaat gewoon niet snel genoeg, we moeten nu versnellen." Szabo diende maandag kamervragen in over stemmen via internet. Minister Pechtold komt binnen een paar weken met een beslissing over nieuwe experimenten. Want de minister is het niet oneens met de VVD - hij is ook voor internetstemmen - behalve dat hij 2007 te vroeg vindt voor landelijke invoering.
Szabo wijst op DigiD, de nieuwe online identificatiemethode van burgers voor de verkiezingen. "Digid is een voorwaarde. Nu mogen gemeenten zelf besluiten wanneer ze dat invoeren maar ik vind dat de minister gebruik van Digid moet afdwingen zodat elke gemeente dat op 1 januari 2007 gebruikt."
Sceptische deskundigen
Hoe het technisch allemaal in elkaar steekt, zal Szabo een zorg zijn. "Het maakt mij niet uit hoe het geregeld wordt als het maar geregeld wordt. Ik zeg dat dit kan, als politicus hou ik me bezig met het strategisch niveau, met de precieze uitvoering bemoei ik me niet, daar zijn de deskundigen voor."
Dus peilde Netkwesties de mening van deskundigen in online stemmen. De meesten vinden dat landelijk internetstemmen in 2007 nog onhaalbaar is. "We moeten eerst doorgaan met kleinschalige experimenten. Ergens tussen 2010 en 2012 is veel realistischer," zegt Wolter Pieters, die hoopt te promoveren op het onderwerp internetstemmen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.
"Het VVD-voorstel is niet realistisch, de technologie is nog niet helemaal rijp genoeg," zegt ook zijn collega hoogleraar Bart Jacobs, expert op het gebied van informatiebeveiliging.
Volgens Peter van den Besselaar, bijzonder hoogleraar communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam, die eerder onderzoek deed naar elektronisch stemmen, 'ligt het er maar net aan welke criteria je stelt aan de verkiezingen'. En Peter Knoppers, onderzoeker aan de TU Delft, noemt het VVD-plan 'onzalig'.
Handel in stemmen mogelijk
Hun kritiek is gevarieerd. Belangrijkste drempel is de verschuiving van geheim stemmen in het hokje naar thuis, of op het werk, of bij wijze van spreken met de laptop in het park. Door deze ondermijning van het stemgeheim is waarschijnlijk ook een wijziging van de Kieswet nodig.
Volgens Peter Knoppers bestaat het stemgeheim uit twee aspecten: "Dat niemand kan bewijzen wat ik heb gestemd, of wie een bepaalde stem heeft uitgebracht. Maar tevens dat ik kan niet ten aanzien van derden kan bewijzen wat ik heb gestemd. Dat laatste maakt het verdraaid lastig mijn stem te verkopen. Het is alleen te garanderen wanneer iedere kiezer zijn stem in een beschermde omgeving uitbrengt; in een stembureau dus. Bij stemmen via internet is het stemgeheim niet te waarborgen, want de kiezer kan iemand laten meekijken bij het uitbrengen van zijn stem."
Knoppers voorziet hierdoor 'een grootschalige handel in stemmen'. Szabo tilt niet zwaar aan het stemgeheim: "Er moet keuzevrijheid zijn om te stemmen waar je wilt. Wil je niet dat iemand meekijkt dan moet je gewoon naar het stembureau gaan."
Controle op uitslag
Een ander punt is dat de controle op de uitslag moeilijk wordt. Knoppers: "Het ook nog eens bijzonder lastig om te garanderen dat elke stem via internet correct wordt geregistreerd en geteld. De kiezer is zeker niet in staat om de correcte werking van zo'n systeem te verifiėren; dus wordt ook hier het blinde vertrouwen van de kiezer gevraagd."
Maar dit probleem geldt ook allang nu overal stemmachines zijn ingevoerd. Wat dat betreft is het hoopvol dat het waterschap Rijnland (Zuid-Holland) in haar eigen verkiezingssysteem RIES vorig jaar een oplossing invoerde. Met behulp van een enorme hoeveelheid encryptiecodes op haar website en de bevestigingscode van een eigen stem viel uiteindelijk de gehele verkiezingsuitslag te verifiėren. De berekening is ook daadwerkelijk aan de Radboud Universiteit succesvol uitgevoerd. Binnenlandse Zaken zou deze ingenieuze methode kunnen overnemen, maar het is niet bekend of dit ook gebeurt.
Opkomst omhoog?
Bij de waterschapsverkiezingen vorig jaar werd ook in het waterschap Dommel (Noord-Brabant) via internet gestemd. Zowel bij Rijnland als bij Dommel daalde opmerkelijk genoeg de opkomst. De vraag is nog maar of internetstemmen wel zo opkomstverhogend werkt. Szabo: "De daling bij de waterschappen zegt mij weinig. Bij de Tweede Kamerverkiezingen kan er iets heel anders uitkomen. Dat weet je pas als je het doet."
Naar de vraag of internetstemmen opkomstverhogend werkt heeft Peter van den Besselaar, samen met anderen, al wel eens onderzoek gedaan in vier Europese landen. "In eerste instantie steeg de opkomst licht, dat is het nieuwigheideffect. Maar door de tijd zie je dat opkomstverhogende effect snel afnemen. Daarna gaat een deel toch weer terug naar traditionele vormen. Er is slechts een piepkleine stijging." Bart Jacobs: "Je kan je dan afvragen of het al die investeringen wel waard is."
Nederland zou wel voorop lopen als het met een landelijke internetverkiezing komt in 2007. "Je ziet wel dat Engeland ook die kant op wil, maar eveneens nog niet zover is. Andere Europese landen lopen veel minder snel als Nederland. In Duitsland is bijvoorbeeld veel minder steun voor internetstemmen," aldus Van den Besselaar.
Politiek correct stemmen
Het gebruik van Digid bij de verkiezingen, zoals de VVD voorstelt, heeft ook nadelen. Wolter Pieters: "Dan koppel je authenticatie aan de registratie van een stem. Daardoor zou, mocht er iets mis gaan met de beveiliging, iemand kunnen achterhalen wat een ander heeft gestemd. Op dit moment kan dat niet, dus dat is een verslechtering."
Van den Besselaar: "Door Digid te gebruiken vrezen mensen dat hun stem bij hun naam ergens wordt opgeslagen. Ook al zou het niet zo zijn, die privacyangst kan toch een negatief effect hebben. Langzaamaan worden mensen argwanender. Bij de legitimatieplicht zie je ook dat de ergernis van de burgers groeit."
Bovendien kan het medium internet ook invloed hebben op de uitslag, zegt de bijzonder hoogleraar. Van den Besselaar deed daarover een 'experimentje met een paar honderd mensen'. "Wij vermoeden op basis hiervan dat kiezers het stemmen via internet toch niet helemaal vertrouwen. Bijvoorbeeld omdat ze denken dat het systeem gehackt kan worden. Of dat er mensen kunnen zien wat ze hebben gestemd. Ze zouden op minder radicale partijen kunnen gaan stemmen, bijvoorbeeld toch maar niet op de SP of op Wilders. Dat soort beslissingen nemen mensen die gevoelig zijn voor het privacygevaar van internetstemmen."
Beveiliging probleem
Het vertrouwen in de beveiliging van de stemservers is cruciaal bij internetstemmen. De kans op aanvallen van hackers is groot. Maar dat is niet het enige beveiligingsprobleem. "Hoe krijg je de stembescheiden op een veilige manier naar mensen toe? Wachtwoorden per e-mail versturen is niet veilig genoeg," aldus Bart Jacobs.
Volgens zijn collega Wolter Pieters zijn de bedreigingen soms pas achteraf duidelijk. "In de jaren 20 werd stemmen per machtiging ingevoerd. Maar de regels daarvoor zijn in de loop der tijd steeds strenger geworden, omdat toch mensen ze gebruikten om stemmen te ronselen. Daardoor zijn nu nog maar twee machtigingen per persoon toegestaan. Misschien gebeurt er ook zoiets met internetstemmen. Wachtwoorden met elkaar delen per e-mail lijkt me namelijk nog gemakkelijker dan knoeien met machtigingen."
VVD'er Szabo ziet dat ook wel in en beperkt zich tot de strategische algemeenheid: "Natuurlijk moeten wel alle maatregelen zijn getroffen om fraude uit te sluiten."
Beverwijk wil het al
Intussen heeft de gemeente Beverwijk al een voorschot genomen op stemmen via internet. Op eigen houtje schakelde Beverwijk het bedrijfje Gemeenteweb in. Dat bouwde zelf een verkiezingssysteem. Toestemming om het te gebruiken in Beverwijk bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2006 is er nog niet.
John Heins van Gemeenteweb: "Je moet iets goeds hebben om de minister te overtuigen. Het goede voorbeeld geven, anders gebeurt er nooit iets." Hoe het systeem van Gemeenteweb voorkomt dat personen twee keer stemmen - een keer online en een keer in het stembureau - wil hij niet zeggen. "Daar hebben we een oplossing voor verzonnen. Hoe precies nog niet vertellen, want dan blijft het zo veilig mogelijk."
Heins is wel voorstander van gebruik van Digid. "Dat kan een goede manier zijn voor identificatie. Digid is in Beverwijk al ingevoerd. We moeten wel zorgen dat op de server niet te herleiden mag zijn wie er wat heeft gestemd." Beverwijk is niet de enige gemeente die Gemeentewebs verkiezingssysteem zou willen gebruiken. Heins: "We zijn de afgelopen dagen plat gebeld. In principe kunnen we dit zo een groot deel van het land invoeren. Maar het wachten is op de goedkeuring van de minister."
Peter Knoppers vind het niet wenselijk dat gemeenten op eigen houtje gaan experimenteren. "Het zal zeker een paar keer flink misgaan. Aan de andere kant worden door dat soort missers misschien een paar verantwoordelijken wakker. En zo heeft ieder nadeel weer z'n voordeel."
Rituele romantiek
De regering overweegt een grote proef waarbij kiezers buiten hun eigen district kunnen stemmen, fysiek, eventueel per stemcomputer. Wolter Pieters vindt dit raar: "Dit is een onnodige stap en weggegooid geld als ze uiteindelijk toch het internetstemmen werkelijk willen invoeren."
Voor dit 'gaststemmen' is een verbinding nodig van elk deelnemend stembureau naar een centraal register, teneinde dubbelstemmen te voorkomen. Peter Knoppers verwacht een risico met storingen: "Als je een stem niet kunt versturen moet je die apart houden tot de verbinding terug is. Dat kan wel, maar moet je goed regelen met bestaande technologie."
Minister Pechtold heeft persoonlijk ook nog een punt van zorg over stemmen via internet, zo schreef hij een paar weken geleden
op zijn weblog: "Wie weet ben ik een beetje een romanticus, maar de charme en sfeer van veel stembureaus draagt voor mij bij aan het gevoel dat democratie een verworvenheid is, nooit een vanzelfsprekend gegeven. Een sms'je is me toch iets te plat en geen 'hokje van reflectie'. Want in het stemhokje ben ik toch nog wel eens van keus veranderd."
De gang naar het stembureau als ritueel heeft inderdaad zo zijn functie, zegt ook communicatiewetenschapper Peter van den Besselaar. "Het stemkantoor draagt in belangrijke mate bij aan de belevenis van de democratie. Even stemmen tussen het checken van een paar mails door devalueert misschien de waarde die mensen aan de democratie hechten..."
[Tonie van Ringelestijn, 22 september 2005]
|