In december 2025 zei Roovers in haar Huizinga-lezing: “Ik wil strijden voor een grondwettelijk recht op eerlijke en betrouwbare informatie…de Duitse filosoof Jürgen Habermas opperde dat het recht op eerlijke en betrouwbare informatie verankerd zou moeten worden in de Grondwet. Dat is een van de opdrachten waar ik de komende tijd mee aan de gang ga.” (Hele tekst Huizinga-lezing).
In juni 2026 vernam ik voor het eerst van haar Grondwet-idee bij een debat in Rotterdam, waar het ondersneeuwde. Een maand later schrijft ze:“Big Tech bepaalt ons publieke debat. Desinformatie, propaganda en hate speech krijgen ruim baan. Om de vrije meningsvorming en daarmee onze democratie te redden, moeten we van het recht op betrouwbare en eerlijke informatie een sociaal grondrecht maken.”
Historie Amerikaanse Grondwet
Roovers promoveerde in 2025 op Een filosofische benadering van de vorming van de publieke opinie in een postdigitale publieke sfeer. Daarin onderzoekt ze remedies tegen de kapitalistische ‘platformisering’ van het medialandschap, waardoor “de legitimiteit van een kritische publieke sfeer en het vertrouwen daarin als een kaartenhuis in elkaar storten”.
Ze plaatst zich hiermee, ook wetenschappelijk, in de traditie van vooral linkse politici om los te gaan op big tech. Daan Roovers is Eerste Kamerlid voor GroenLinks (Pro). Jarenlang, tientallen keren per week, gaan vooral linkse kranten los op hel en verdoemenis van big tech en hun verderfelijke algoritmes. Ze strijden zij-aan-zij met hun uitgevers die in Brussel succesvol lobbyen voor strenge wetgeving en miljardenboetes
Habermas pleitte in 2022 voor een recht op betrouwbare informatie in de Grondwet, als plicht van de staat. Het debat is echter niet nieuw, blijkt uit deze interessante verhandeling, met een citaat uit 1822. “Een door het volk gekozen regering is, zonder informatie voor het volk en de middelen om die te verwerven, slechts een proloog op een farce of een tragedie; of misschien wel beide. Kennis zal voor altijd heersen over onwetendheid: en een volk dat van plan is zichzelf te besturen, moet zich wapenen met de kracht die kennis geeft.”
Dit zei James Madison, vierde president van de Verenigde Staten. Hij was medeauteur van het Eerste Amendement van de Grondwet. Dit toont al de nauwe band tussen vrije meningsuiting, wel in de Amerikaanse Grondwet opgenomen, en recht op informatie, niet in de Grondwet.
Schrappen in onze Grondwet
Hoe zit het met de Nederlandse Grondwet? Ik moet eerst denken aan de legendarische straatinterviews van Plakshot (VPRO) over overbodige grondrechten. Onderliggende kern: ze zijn er voor mij, maar liever niet voor anderen zoals immigranten.
Maar de bekendste worsteling met de grondwet is de verontwaardiging over een wijziging die Pim Fortuyn opperde in een Volkskrant-interview in 2002, die tot een breuk leidde bij Leefbaar Nederland. Hij wilde het artikel 1 slopen: “Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.”
Want volgens hem botste dat met het recht op vrije meningsuiting, artikel 7 Grondwet. Concreet wilde Fortuyn (kunnen uiten) dat moslims het immigratierecht ontzegd moet worden. Dus grondrechten botsen. Dat zien we in de rechtspraak met voortdurende spanning tussen de rechten op vrije meningsuiting en op privacy.
Verwarring over Nederland
Uit een enquête in 2003 onder de toen 54 lidstaten en waarnemers van de Raad van Europa bleek dat er 36, oftewel twee derde, een dergelijk artikel in hun respectieve grondwetten hadden opgenomen waarin het recht op informatie uitdrukkelijk werd gewaarborgd. Nederland werd hiertoe gerekend.
Nederland beriep zich in de enquête op een artikel 110 dat in 1983 aan de Grondwet is toegevoegd, de basis voor de WOB en de beoogde, maar mislukte verbetering daarvan, de WOO. Maar dat artikel behelst dus een plicht van de overheid, geen recht van de burger.
Sinds de grote wijziging van de Grondwet in 1983 kwamen er tientallen pogingen voor wijziging en aanvulling, die vrijwel alle strandden. Wel is in 1923 Artikel 1 van de Grondwet uitgebreid, met discriminatie op basis van handicap of seksuele geaardheid (Fortuyn moest eens weten). Pleiten voor uitbreiding vereist moed en doorzettingsvermogen. Die spreidt Daan Roovers ten toon. Hier volgt het vraaggesprek, dat kritisch moet zijn voor een bijdrage aan goede informatie.
Hoe gaat het met uw initiatief?
“Mijn motie bij de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa [Roovers is lid sinds januari 2026] is aangenomen. Maar dat gaat over onderzoek naar het juridisch instrumentarium dat we hiervoor nodig hebben. Er is nog geen grondwetartikel in de maak.”
Wat wilt u precies laten onderzoeken?
“Ik wil onderzoeken of bestaande kaders, zoals het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, toereikend zijn om de uitwassen van grote digitale platforms, algoritmische content-curatie en inzet van AI het hoofd te bieden. Welke nieuwe regels en kaders zijn er nodig om het publieke debat beter in te richten? Dat gaat dus over het bestrijden van desinformatie en manipulatieve berichten enerzijds en anderzijds het bevorderen van kwaliteit van berichtgeving.”
Welke kwaliteit van berichtgeving bereikt u zelf?
“Oei… 's Morgens neem ik Radio 1 en de ochtendkranten tot me. Toen ik 20 jaar geleden ging samenwonen, namen we beide kranten, NRC en Volkskrant, maar ik ben altijd een echte Volkskrant-lezer geweest. Als parlementslid zie ik ook Telegraaf, AD en FD en alles wat ik vroeger niet las. En The Guardian en soms een Duitse krant. En op televisie bijvoorbeeld programma's als Nieuwsuur en Buitenhof.”
Kennen die ook een probleem met waarheid en nuance?
“Ik vind de kwaliteit van journalistieke media vooruitgegaan. Dus als je me hoort mopperen, gaat dat niet over journalistieke inhoud. Maar de invloed daarvan op het publieke debat is verminderd. De gedachte dat in die kakofonie van miljarden berichten de waarheid vanzelf komt bovendrijven, is hopeloos naïef gebleken. In de digitale publieke sfeer zijn desinformatie en ragebait in het voordeel ten opzichte van betrouwbaar en verifieerbaar nieuws.”
En vindt u zelf binnen deze titels voldoende gevarieerd debat, bijvoorbeeld met de columnisten die u leest?
“Ik lees weinig columnisten, maar wel Hans Goslinga in Trouw, en Floor Rusman in NRC over haar ziekte. Ik lees de commentaren van Raoul du Pré in de Volkskrant graag. Ik vind sommige podcasts vrij goed, zoals Studio Den Haag van BNR. En de essays van Bas Heijne natuurlijk.”
Waarom is lezen van Bas Heijne “natuurlijk”? Wordt u gevarieerd geïnformeerd of in een bubbel?
“Dat is moeilijk van jezelf te zeggen, maar ik ben nieuwsgierig en laat me wel uitgebreid informeren, denk ik.”
Welke invloed heeft de Telegraaf?
“De Telegraaf biedt hele andersoortige berichten, vaak op het persoonlijke vlak, zoals over die broers [Tate] in de manosfeer. De columns lees ik soms, maar daar wind ik me veelal over op, dus heb ik niet zo zin in. Politieke verslaggeving van De Telegraaf is voor mij niet informatief om te lezen. Dat geldt trouwens voor veel kranten.”
Ik vind de parlementaire verslaggeving zelden feitelijk en belangrijke debatten worden inhoudelijk gemist in alle media. Altijd de poppetjes, verdraaiing van feiten in kletsshows. Wat verander je daaraan met zo'n grondwetsartikel?
“Nou, niet zoveel. Daar ga je de parlementaire journalistiek niet mee verbeteren. Met zo'n grondwetsartikel wil ik twee dingen bereiken:
Eén: de overheidsverplichting om de infrastructuur voor kwalitatief goede berichtgeving te waarborgen, een verantwoordelijkheid voor de infrastructuur voor kwalitatief goede berichtgeving, vergelijkbaar met de plicht om te zorgen voor onderwijs of huisvesting et cetera. En anderzijds de burgers een instrument in handen geven om de overheid tot actie aan te zetten. Desinformatie is maar één van de vele problemen. Manipulatie is ook een groot probleem, of moedwillige misleiding.”
Maar als je nu bij de reguliere journalistiek al voortdurend gestuurd wordt, of het nu Buitenhof, Op1 of Vandaag Inside is; waar dan te beginnen met beter informeren? Rob Jetten wint met één week succesvolle campagne de nationale verkiezingen…
“Ik geloof niet dat die overwinning iets met het onderwerp desinformatie te maken heeft”
“Tien nieuwe steden” etc. Omdat hij meer in uw richting denkt, is dat wellicht niet zo erg?
“Dat die uitslagen van verkiezingen zo vluchtig zijn, en een beeld in 24 uur tijd kan kantelen, vind ik natuurlijk wel een probleem. Misschien kun je dat institutioneel oplossen, dat wil zeggen: de politieke instituties anders ontwerpen, dus bijvoorbeeld meer in grote politieke blokken gaan denken.
Het is een veelkoppig monster en die strijd moet op vele fronten gevoerd worden. Maar bestrijding van desinformatie is essentieel, want nieuw in deze omvang. En gaat een grondwetsartikel één op één helpen? Niet meteen, maar we kunnen met een aantal instrumenten aan het werk.”
Zoals?
“Bijvoorbeeld wetgeving op het gebied van desinformatie, maar ook het aansprakelijk stellen van platforms en het verkleinen van de macht daarvan. Wij krijgen als parlementsleden heel veel berichten van bezorgde burgers, nu deels met AI gegenereerd. Philip Morris biedt AI-tools om gemakkelijk brieven aan volksvertegenwoordigers te sturen voor de tabakslobby. Je moet de afzender kunnen controleren.”
Dus anonimiteit durven afschaffen?
“Deels, dat je bijvoorbeeld niet aan een consultatie deelneemt voor concept wetgeving onder schuilnaam of met bots. Dat je soms wel anoniem online moet kunnen publiceren, snap ik. Dus moet je onderzoeken onder welke voorwaarden en op welke momenten je anonimiteit aanvaardt, maar ook wanneer niet.”
Uit wetenschappelijk onderzoek over desinformatie dat ik hier op Netkwesties publiceerde, dat werd gedaan aan de VU in Amsterdam en ook van Nederlanders in Cambridge, blijkt dat die invloed van desinformatie veel kleiner is dan wij denken. Het probleem zit bovendien vooral aan de vraagkant, met burgers die graag onzin consumeren…
“Als je onder die invloed verstaat dat burgers al die leugens letterlijk nemen, is de invloed misschien klein. Maar dat is een onvolledige interpretatie. Desinformatie doet veel meer. Het ondermijnt de geloofwaardigheid en het vertrouwen in de bronnen, zoals wetenschap en politiek. En het geeft bovendien veel ruis: het gaat eindeloos rond, en wordt eindeloos besproken.
Het gevolg van deze effecten is dat mensen het opgeven om in de waarheid te geloven. Mensen denken “nou, het zal wel niet waar zijn” want “waar rook is, is vuur”. Een heel goed voorbeeld daarvan is de kakofonie van desinformatie rond het neerhalen van de MH17. Dus als je dat allemaal meeneemt, dan is de invloed van desinformatie wel heel groot.”
Heel snel was er één waarheid over de MH17, dat viel dus wel mee. Ik geloof niet dat een grondwetsartikel daartegen gaat helpen…
“Nee, maar uw veronderstelling dat mijn grondwetsartikel al die problemen oplost, is onjuist. Dus hou alsjeblieft op met die vraagstelling.”
Goed, ik zal het proberen…Toch nog een kritische vraag: met de DSA, Digital Services Act, pakken we grote platforms aan als ze desinformatie niet filteren. Is het daarmee niet al geregeld?
“Dat is consumentenrecht. Ik als burger tegen een platform; nou, ik wens mezelf succes. Nog steeds wordt juist informatievoorziening niet gezien als een publieke opdracht, als een inspanning van de democratie zelf. Dus ik wil werken aan een groter publiek bewustzijn. Het gaat mij niet om niet om je recht halen als “nieuwsconsument” - een vreselijke term overigens.
Het is een elementaire voorwaarde voor een democratie, geen marktvoorwaarde. Het is helemaal uit de hand gelopen afgelopen jaren, dus er is veel te doen, van een grondwetsartikel tot het afbreken van de monopolies van techbedrijven.”
Heel defensief, wel steen en been klagen over Amerikaanse platforms, maar niets daartegenover stellen. Waarom organiseert Europa geen eigen platforms, zoals DPG Media?
“Ze zijn er nu wel mee bezig, maar inderdaad veel te weinig en veel te traag. Er zijn alternatieven voor Google en Microsoft, maar dat is klein bier, dat weet ik ook wel. Nederlandse universiteiten zijn bezig. Europese alternatieven zijn niet zomaar gebruikersvriendelijk.”
U spreekt van een informatie-obees publiek. Als informatie beter wordt, neemt dat dan af, zeker gezien de AI-golf?
“Ja, ik weet niet zo goed hoe dat te managen, maar als informatie uit verschillende bronnen als in een foodprocessor onherkenbaar tot hapbare brokjes wordt gemaakt, wordt het nog onoverzichtelijker.”
AI-bots kunnen gerichtere en diepere informatie verschaffen en complotdenken beperken, al vind ik een voorwaarde dat je bronnen kunt controleren...
“Ja, ik hoor ook wel geluiden van wetenschappers dat AI kan helpen om het complotdenken te bestrijden omdat AI beter onderbouwde informatie kan bieden. AI wordt door sommigen meer vertrouwd dan wetenschappers, om wat voor reden dan ook. Dat AI als gesprekspartner mensen op andere gedachten kan brengen, vind ik interessant.”
U bepleit informatie-integriteit. Wat verstaat u daaronder?
“Integriteit vind ik een mooi woord, dat op “heelheid” duidt. Klimaatbeleid voeren kan niet zonder integere informatie. Het gaat niet over gelijk hebben, maar over goede afwegingen vanuit verschillende bronnen en perspectieven. Information-integrity vindt ingang bij de VN en Unesco en in de Paris Declaration die Nederland ondertekende.”
Stel, het lukt alle activisten in Europa om big tech een kopje kleiner te maken, dat maakt geen einde aan populisme en de democratische weerzin tegen immigratie uit Afrika en Azië…
“Nee, maar de invloed kun je verminderen. Daarom haal ik Vance aan met zijn verdraaiing van de risico’s voor de Europese democratieën. Hij pleit voor vrije verspreiding van desinformatie die uiteindelijk leidt tot absolute macht. Tegenstanders wordt de mond gesnoerd en algoritmes bevoordelen die desinformatie en hate speech boven gefundeerde argumentatie.”
Immigratie is het grote probleem in de hoofden van kiezers. Zolang grenzen niet dicht gaan blijft dat toch Europa teisteren. Dat is geen probleem van sociale media maar van progressieve partijen die deze democratie ontkennen met wellicht juiste, maar te kille rationele argumenten…
“Als we maar een klein duwtje aan het publieke debat kunnen geven, zodat het langzaamaan verbetert, heb ik al iets bereikt.
Wonen is op dit moment het grootste probleem, en dat wordt nu ook zo gezien. Maar ook daarvoor zijn geen supersnelle oplossingen. We hebben in de politiek te maken met “overpromise and underdeliver”. 10 nieuwe steden… Zo werkt dat helaas niet. We lossen niet alles op in een handomdraai, zeker niet op korte termijn.”
Vermindert het voorzien in beter geachte informatie het ressentiment tegen rationele benaderingen van mensen die vanuit hun gevoel – al dan niet onderbuik - oordelen?
“Echte verandering vergt een lange adem. De geloofwaardigheid van lange termijnpolitiek moet verbeteren. Het perspectief moet soms 2060 zijn en niet de volgende verkiezingen. Dat lijkt ver weg, maar dan zijn mijn kinderen precies even oud als ik nu, dus, gevoelsmatig, zo ver weg is dat niet …”