Inzageverzoeken “misbruik van recht”
De Rechtbank Noord-Holland maakte op 13 juli 2026 korte metten met een bijdehandje dat in 1,5 jaar 90 inzageverzoeken deed en in vervolg daarop 20 rechtszaken aanspande via zijn onderneming. Dat gebeurde altijd kort na een bestelling of registratie met een vordering van buitengerechtelijke kosten en schadevergoeding
Niet inzage was het doel maar geld beuren, dus werden de verzoeken aangemerkt als misbruik van recht.
In één van de procedures veroordeelde de rechtbank de slimmerd tot betaling van ruim 10.000 euro aan proceskosten, in een tweede zaak 2.200 euro, in de derde zaak bleef die beperkt tot 50 euro.
DSA-veroordeling TikTok
De Europese Commissie liet vrijdag weten dat TikTok-accounts van minderjarigen niet voldoen aan de veiligheidsvereisten op grond van de Wet op digitale diensten (DSA). Op TikTok kunnen minderjarigen ervoor kiezen om hun account in te stellen als ‘openbaar’. Dit betekent dat elke gebruiker, ook gebruikers zonder TikTok-account, de inhoud van minderjarigen kan bekijken. Door deze instelling kan inhoud die is gepubliceerd door ‘oudere’ minderjarigen (16-17 jaar) via de ‘For You’-feed worden aanbevolen aan andere TikTok-gebruikers.
De Commissie is voorlopig van mening dat TikTok – in overeenstemming met de richtsnoeren inzake de bescherming van minderjarigen – de standaardinstellingen van de ‘openbare’ accounts van minderjarigen moet aanpassen, zodat hun inhoud standaard alleen zichtbaar is voor TikTok-gebruikers die de minderjarige heeft geaccepteerd. Hoewel oudere minderjarigen de mogelijkheid kunnen hebben om hun inhoud met een breder publiek op TikTok te delen, mag de inhoud in geen geval toegankelijk zijn voor een wereldwijd publiek buiten het platform.
TikTok mag nu antwoorden
Weer tegenvaller voor claimjongens
De Hoge Raad vonniste op 17 juli 2026 dat een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam in de zaak van The Privacy Collective (TPC) tegen Oracle en Salesforce niet deugt. Het hof hanteerde een te lage maatstaf voor geclaimde representativiteit voor tien miljoen Nederlandse internetgebruikers. Het gerechtshof Den Haag mag er opnieuw naar kijken.
In de claimzaak worden Oracle en Salesforce ervan beschuldigd via cookies en profilering op grote schaal inbreuk te hebben gemaakt op de privacy van internetgebruikers voor gerichte reclame. De stichting eist namens de gedupeerden in totaal 5 miljard euro, oftewel 500 euro per persoon.
De rechtbank Amsterdam verklaarde TPC al niet-ontvankelijk. Het gerechtshof Amsterdam vernietigde die beslissing in 2024 want een “niet te verwaarlozen aantal” mensen zou achter de actie staan. Die kul-redenering verwerpt de Hoge Raad. Op andere formele punten aangaande ontvankelijkheid werden eisen van Salesforce en Oracle afgewezen.
Stiekem koppeling data WhatsApp, Insta en Facebook
Weer een fraai artikel van Rosanne de Jong in De Telegraaf over privacy, ditmaal over een vuige truc van Meta om gebruikers van WhatsApp aan te bieden om een gebruikersnaam in te stellen zodat het profiel niet meer het telefoonnummer hoeft te delen, volgens Meta een “belangrijke verbetering van de privacy”. Het artikel is gebaseerd op onderzoek van de Consumentenbond.
Maar ondertussen heeft Meta de algemene voorwaarden bijgesteld zodat ze data kunnen koppelen van Facebook, Instagram en WhatsApp indien je meegaat in de suggestie om dezelfde gebruikersnaam in te stellen voor de drie diensten.
Data Privacy Framework voldoende?
Pont brengt een goed, bondig overzicht van de overeenkomsten voor data-uitwisseling tussen Europa en de VS vanaf 2015. Die komt in nieuw vaarwater na de uitspraak van het Hooggerechtshof in de VS dat de president direct invloed heeft op benoemingen in organisaties die rechten moeten handhaven.
Terecht luidt de concluderende boodschap dat de discussie voortduurt over hoe het Data Privacy Framework zich verhoudt tot alle acties om te komen tot soevereiniteit van Europese verwerking van persoonsgegevens. In de praktijk gaat dit over het debat over de verkoop van Solvinity, waarin het Data Privacy Framework volgens mij te weinig betrokken wordt.
Youp Drukker van Solv schrijft over de geldigheid van het Raamwerk: “Als we Schrems mogen geloven, is dit niet meer het geval. Hij stelt dat met de beslissing van het Hooggerechtshof de volledige fundering is ingestort.” Schrems eist van de Europese Commissie opzegging van de overeenkomst, de aanloop naar een Schrems III rechtszaak.