We willen geen Steve Jobs maar Hannah Arendtscholen

Verbaasd dat vrijwel alle politieke fracties van de Tweede kamer – de PVV uitgezonderd - de Ipadschool van Maurice de Hond kritiekloos omarmen, stuurde ik afgelopen dinsdag op Twitter dit berichtje over het onderwijs de wereld in:

“We willen Hannah Arendt scholen ipv Ipadscholen. Dus: denken, dromen, leren, verbeelden, verdiepen en docenten die mooie verhalen vertellen.”

Tot mijn verrassing werd het bericht vrijwel meteen honderden keren geretweet, gedeeld, ‘geliked’ en doorgestuurd op de sociale media en bereikte het binnen een enkele etmaal vele tienduizenden lezers.

De nieuwe media bieden niet alleen de mogelijkheid een bepaalde mening te toetsen maar ook de kans om mensen voor een bepaald doel te mobiliseren. Op de filosofische linked inn groep Amor mundi beloofde ik vervolgens het bericht nader toe te lichten, indien het een breed gehoor zou vinden. Dat gebeurde dus boven verwachting en zo kwam ik in de nogal paradoxale situatie terecht de moderne communicatietechnologie kritische tegen het licht te houden, terwijl ik er zojuist optimaal gebruik van had gemaakt. Paradoxen lijken ons moderne bestaan te kenmerken. Binnen de filosofie hoeven deze gelukkig niet onmiddellijk glad gestreken te worden, maar vormen ze juist een belangrijk hulpmiddel om bepaalde kwesties scherper in het oog te krijgen. De vraag die ik hieronder in een tiental kritische stellingen nader wil belichten betreft onze verhouding tot de nieuwe communicatietechnologie en de rol die deze binnen het onderwijs al dan niet zou moeten spelen. Hierbij laat ik mij – uiteraard - door het gedachtegoed van de filosofe Hannah Arendt inspireren.

  1. Technologie behoort in het onderwijs een ondersteunend middel te zijn in plaats van een doel op zich, zoals Maurice de Hond, mede oprichter van de Ipadschool en het ‘Onderwijs voor een Nieuwe Tijd’ (O4NT) bepleit. Van de technologie die in het onderwijs gebruikt wordt moet eerst onderzocht worden of deze wenselijk en noodzakelijk is en welk doel deze precies dient. Als technologie het doel wordt, verwordt de samenleving tot een technocratie, waarbinnen elke menselijke maat verloren gaat, schreef Hannah Arendt in The Human Condition (1958).
  2. Leren is in tegenstelling tot wat de Hond beweert iets anders dan ‘gamen’. Naast de ontwikkeling van diverse vaardigheden is leren ook inzicht verkrijgen en kennis nemen van de culturele traditie. Een samenleving die geen belang hecht aan cultuur gaat letterlijk ‘naar de filistijnen’, meende Arendt.‘Onder cultuur verstaan we de omgang met de minst nuttige en meest wereldlijke dingen: de werken van kunstenaars, dichters, musici en filosofen’ (uit ‘De crisis van de cultuur’.(1954)  Onderwijs behoort de nieuwe generatie niet tot ‘gamers’, maar tot kenners van de cultuur op te leiden. Kennis nemen van de culturele traditie is niet ‘saai’, zoals de Hond beweert, maar een voorwaarde om nieuwe culturele werken te vervaardigen.
  3. Het niet bevragen en kritiekloos omarmen van de digitale technologie ontneemt het zicht op diverse wetenschappelijke onderzoeken, waarin gewaarschuwd wordt voor alle nadelige effecten, zoals aandacht- en concentratiestoornissen, geheugenproblemen, hyperactiviteit, rusteloosheid, stressverschijnselen, online neurose, slapeloosheid en verslavingsgedrag.  (cf. M. Spitzer, Digitale dementie 2013 en N. Carr, Het ondiepe. Wat internet doet met ons brein 2012). Geen kritische vragen stellen staat gelijk aan niet nadenken, meende Arendt, hetgeen een kenmerk van ideologische verdwazing is.
  4. Ons woord ‘school’ stamt af van het Griekse ‘schole’, dat rust, niets doen en ‘vrije tijd’ betekent. Sinds Plato gelden rust en aandacht als de belangrijkste voorwaarden voor het denken. Pas als het brein zich in ontspannen toestand bevindt en geen nieuwe input te verwerken krijgt, kan het creatief zijn en iets nieuws verzinnen. Daarom begint Arendt haar boek Denken (1973) met een citaat van Cato: ’Nooit is de mens actiever dan wanneer hij niets doet.’ Leerlingen op Ipadscholen permanent online laten zijn betekent niet alleen een overbelasting van hun brein, met alle mentale gevolgen van dien, maar ook een belemmering van de ontwikkeling van hun cognitieve en creatieve vermogens.
  5. De mens wordt volgens Hannah Arendt gekenmerkt door twee principes: nataliteit, het voortbrengen van nieuwe inzichten en gezichtspunten, en pluraliteit, het onderling van elkaar kunnen en mogen verschillen. Beide principes zijn van wezenlijk belang voor de samenleving, die daardoor dynamisch en democratisch van aard blijft. Deze worden op een Ipadschool bedreigd, omdat permanent zappen, surfen, swipen en doorklikken het brein over geprikkeld cq overspannen maakt, waardoor de leerlingen geen nieuwe inzichten kunnen ontwikkelen, waardoor het principe van nataliteit in gevaar komt. Ook zullen de leerlingen binnen de door de industrie geprepareerde digitale formats en games steeds meer op gelijke wijze het zelfde gaan denken, waardoor tevens het principe van pluraliteit onder druk komt te staan. Dit geldt uiteraard niet alleen voor leerlingen, maar voor iedereen die voortdurend online is. 
  6. Denken richt zich volgens Hannah Arendt op datgene wat nog niet gedacht, verwoord of verbeeld is. Het onderscheidt zich in deze van kennen en weten die zich juist op de reeds aanwezige feiten richten. Onderwijs zou niet alleen het overbrengen van feitenkennis moeten zijn, maar ook het aanzetten en inspireren tot nieuwe gedachtes. Denken komt mijmerend, uit het raam starend, dagdromend tot stand en niet achter een beeldscherm dat voortdurend nieuwe feiten op het brein afvuurt.
  7.  De hele dag – en avond  - voor een beeldscherm zitten heeft ook gevolgen voor onze sociale vaardigheden en empatische vermogens, die voor sociale interactie noodzakelijk zijn. 80 % van een live gesprek bestaat uit non-verbale communicatie. We peilen, onderzoeken, beschouwen en interpreteren het gezicht, de houding en de gestes van onze gesprekspartner, waardoor we leren ons tot anderen te verhouden. Als we uitsluitend via beeldschermen communiceren, verleren we niet alleen deze sociale vaardigheden, maar worden we ook minder empatisch en kunnen moeilijker echte verbintenissen met anderen aangaan, stelt o.a. neurologe Susan Greenfield (Living online is changing our brain, 2011)
  8.  ‘Onze hoop is altijd gevestigd op het nieuwe dat elke generatie voortbrengt’, schreef Hannah Arendt in haar essay Crisis in Education. ‘Maar juist omdat we onze hoop hierop baseren, doen we alles teniet als we proberen het nieuwe zodanig onder controle te krijgen, dat wij, de ouderen, degenen zijn die bepalen hoe het nieuwe eruit zal zien. Juist in het belang van het nieuwe en revolutionaire dat in ieder kind zit, moet het onderwijs in zekere zin conservatief zijn.’ Conservatief duidt in dit citaat op het belang van het bewaren, behoeden en koesteren van de culturele traditie. Conservatief staat hier dus niet tegenover progressief, want het is Arendt juist altijd om nataliteit als het principe van het nieuwe te doen, maar tegenover nihilisme, materialisme en een overdreven geloof aan technologische innovatie. De scepsis ten aanzien van de moderne communicatietechnologie die we nu reeds bij de nieuwe generatie twintigers aantreffen, getuige bijvoorbeeld het filmdebuut Disconnect (2012) van de jonge regisseur Henri Alex Rubin, zou ook door vijftig plus internetfanaten als Maurice de Hond serieus genomen moeten worden, alvorens zij jonge leerlingen een digitaal schoolmodel opdringen.
  9. Docenten dienen leerlingen niet alleen diverse vaardigheden en de culturele traditie bij te brengen, maar hen ook met behulp van verhalen, mythes, poëzie, saga’s, essays en romans te inspireren tot het nieuwe. ‘De grenzen van de taal bepalen de grenzen van de wereld,’ citeert Arendt Wittgenstein. Wil een samenleving dynamisch blijven, dan moet het onderwijs ook gericht zijn op het verschuiven, vernieuwen en oprekken van die taalgrenzen in plaats van alleen de instrumentele taal van games en internet in het onderwijs aan te bieden. Behalve geschiedenis, kunst en filosofie, zou dus ook literatuuronderricht en het vertellen van verhalen een van de peilers onder het onderwijs behoren te zijn. De docent is geen ‘coach’ die zappende leerlingen begeleidt, zoals de Hond wil, maar een gespecialiseerde kracht, die met aandacht, gezag en kennis van zaken zijn beroep uitoefent en de leerlingen weet te motiveren.
  10. Ten slotte kunnen hier ook de nadelige fysieke aspecten van het IPad onderwijs niet geheel onvermeld blijven, zoals het verlies van de zintuiglijke ervaringen van het schrift, van papier, inkt, verf en klei, die de verbeelding stimuleren en leerprestaties bevorderen. Ook de gevolgen van het voortdurend stil zitten en maar naar een beeldscherm turen, het gebrek aan beweging, de muisarmen, verkrampte nekwervels, gewichtsproblemen, migraines enzovoort zouden punt van onderzoek moeten zijn, voordat we SteveJobsscholen gaan oprichten. Wij – en de politieke bestuurders in Den Haag -, moeten zich eerst de vraag  stellen: ‘wat doet de nieuwe technologie precies met ons?’, voordat we alweer een nieuw schoolmodel implanteren. Het vorige ‘nieuwe leren’ model uit de jaren negentig werd zo’n fiasco dat er in 2008 een parlementair onderzoek aan de pas moest komen, dat vaststelde dat elke wetenschappelijke onderbouwing helaas ontbrak. Nu lijkt opnieuw hetzelfde te gebeuren. Het gaat er mij niet om technologische ontwikkelingen terug te draaien, dat acht ik even onmogelijk als onwenselijk, maar wel dienen we vooraf onderzoek naar de wenselijkheid van een nieuw schooltype te verrichten. Zowel binnen als buiten het onderwijs moeten we een juiste maat en houding ten aanzien van de nieuwe technologie zien te vinden, opdat deze niet met ons aan de haal gaat of erger nog, maar zeker niet ondenkbaar, ons de baas wordt. Vooralsnog geldt hier het even eenvoudige als goedkope advies: bescherm je brein door dagelijks een aantal uren offline te zijn.

Netkwesties forum

Netkwesties en de bezoekers stellen je mening op prijs. Deze wordt hier direct gepubliceerd.
Jan v GIls
3 jul 2013
Een prachtig concept dat om uitwerking vraagt. Tevens inspiratiebron voor het huidige onderwijs. De morele, sociale en cognitieve ontwikkeling krijgt zo handen en voeten.

Dank
Frank Huysmans
30 jun 2013
In grote lijnen mee eens. Maar er ontbreekt een belangrijk argument: het ontbreken van pedagogische concepten. De website http://o4nt.nl lezend bekroop me het gevoel dat men hier dezelfde fout gaat maken als in de periode 1998-2002. Toenmalig minister Loek Hermans investeerde destijds 1,2 miljard euro in het uitrollen van ICT-infrastructuur in het basisonderwijs; ook toen al met het argument: 'anders krijg ik mijn eigen kinderen straks niet meer naar school'. Toen de pc's en kabels er eenmaal lagen, bleek er nauwelijks educatieve software te zijn die in de klas kon worden gebruikt. En om dat laatste zou het moeten gaan: beproefde pedagogische concepten die in goede software worden vertaald. Zodat er (ten opzichte van het 'traditionele' onderwijs) daadwerkelijk leerwinst kan worden geboekt met internet en tablets. Die concepten ontbreken op de site o4nt. Des te zorgelijker dat de initiatiefnemers niet verder komen dan slogans als 'onze scholen leiden op voor de toekomst in plaats van voor het verleden'. Ze zouden duidelijk moeten maken hoe - met welke pedagogisch doordachte software - kinderen beter op de toekomst worden voorbereid.
Graag kort en bondig. Kwetsende, discriminerende en/of commerciële uitlatingen worden verwijderd.
 

Registreren en de nieuwsbrief ontvangen?

We gaan zorgvuldig met je gegevens om. Je krijgt ook gelijk toegang tot alle plusartikelen en je kunt reageren op de artikelen.

Controleer nu je e-mail

Je ontvangt een bericht met instructies om je e-mailadres te bevestigen. Zonder deze bevestiging sturen we je geen nieuwsbrief, doe het dus gelijk even!

asdas sdf fs dfsdfsf sdffsd

Netkwesties © 1999/2018. Alle rechten voorbehouden. Privacyverklaring

Ehio Media content marketing
1
0
1