In een informatief artikel in de Volkskrant van 8 juli 2026 leggen Ben Meindertsma en Huib Modderkolk uit dat de Nederlandse inlichtingendiensten zich baseerden op één unieke contraspion in Rusland die ze van groter gewicht achtten dan de informatie van de Amerikaanse en Britse diensten. Die beweerden eind 2021 al dat Vladimir Poetin van zin was om Oekraïne aan te vallen.
Nu is al jaren bekend dat de Europese diensten destijds faalden. In mei 2022 werden analyses openbaar en in de jaren erna nadere bevindingen dat Europese diensten blind waren in de aanloop naar de invasie op 24 februari 2022, evenals de politieke top van Oekraïne zelf.
De directeur van de Franse militaire inlichtingendienst, generaal Eric Vidaud, werd zelfs uit zijn functie ontheven vanwege een ‘ontoereikende’ briefing over de Russische dreiging tegen Oekraïne. De directeur van de Duitse inlichtingendienst BND, Bruno Kahl, moest snel worden geëvacueerd uit Oekraïne na de Russische inval.
CIA juist
Hoe ze ook hun best deden, de CIA en MI6 konden hun Europese zusterdiensten niet overtuigen van hun bevindingen over de op handen zijnde Russische inval. In februari 2026 verscheen in The Guardian al een uitstekende analyse van de wijze waarop deze diensten aan hun informatie kwamen, met onder meer een interview met de toenmalige Amerikaanse CIA-baas William Burns en met Jake Sullivan, de nationale veiligheidsadviseur van president Joe Biden. De laatste:
“Ik vond dat het bewijsmateriaal dat we hen hadden voorgelegd overweldigend was. Het is niet zo dat we iets achterhielden waarvan, als ze het maar hadden gezien, het een wereld van verschil zou hebben gemaakt,” zegt Sullivan over de reden waarom de Europese bondgenoten de Amerikanen niet geloofden. “Ze waren er gewoon vast van overtuigd dat dit simpelweg nergens op sloeg.”
De Amerikaanse veiligheidschef Avril Haines waarschuwde haar Nato-evenknieën eind 2021 tevergeefs in Brussel en werd daar enkel gesteund door Richard Moore, de baas van MI6. Echter, ze slaagden er evenmin in om de Oekraïense diensten en Zelensky te overtuigen. De laatste stelde de Oekraïense bevolking gerust: geen invasie.
Vele signalen voor oorlog
Poetins zelf geuite aspiraties werden niet serieus genomen. Vervolgens probeerde de Russische dienst FSB op grotere schaal dan ooit Oekraïense informanten te winnen. De inlichtingen over de invasie kreeg de CIA vooral van dit soort Russische bewegingen, ook van spionage over operationele militaire eenheden aan de grens met Oekraïne die op een invasie duidden.
The Guardian gelooft een veel gehoorde theorie niet, onder meer geopperd door journalist Bob Woodward in zijn boek War, dat een supermol uit de kring van nabije vertrouwelingen van Poetin de cruciale informatie verstrekte.
“Het zou kunnen dat de CIA of MI6 een supermol vlak naast de president had gerekruteerd, maar het lijkt waarschijnlijker dat menselijke bronnen in Rusland aanvullend of ondersteunend bewijs leverden, in plaats van de kerndetails. Veel van de cruciale inlichtingen waren afkomstig van satellietbeelden of van onderschepte berichten die waren verzameld door de NSA en GCHQ – de Amerikaanse en Britse inlichtingendiensten.”
Akerboom en Swillens
De Volkskrant schrijft dan: “Toen ze er niet in slaagden om Europese politici te overtuigen van de dreiging, deelden de Amerikanen zelfs concrete aanvalsplannen van Rusland met de wereld.” Echter, de Europese diensten geloofden niet dat de enorme opbouw van troepen en materieel bij de grens van Oekraïne voor oorlog bedoeld was, maar louter om de druk op het Westen op te voeren voor de onderhandelingspositie.
Zo bleven Erik Akerboom, directeur-generaal van de AIVD en Jan Swillens, directeur van de militaire inlichtingendienst MIVD, in hun briefings aan de regering en hoge ambtenaren, overtuigd van het eigen gelijk. De bron: “Het is de AIVD gelukt om een positie rond het Kremlin te krijgen. De dienst is ervan overtuigd goud in handen te hebben. Het Ruslandhuis heeft inlichtingen uit de top van het Russische veiligheidsapparaat.”
Dat ‘Ruslandhuis’ is een samenwerking van AIVD en MIVD en andere diensten die informatie over Rusland delen. Er is nauwelijks wat van bekend. In een stuk uit 2024 stelt minister Ruben Brekelmans: “We hebben bijvoorbeeld ook het Ruslandhuis en het Chinahuis. Dat zijn samenwerkingen van de twee diensten…”
De directeuren van de AIVD en MIVD voerden de laatste maanden voor de invasie gesprekken met de CIA-baas in Den Haag die evenmin sprak van een bron dicht bij Poetin.
The Guardian, en in navolging de Volkskrant, stellen dat het foppen van het Westen bij de invasie in Irak in 2003, met de gefingeerde informatie in de Powerpoint van Colin Powell (als eerste in Nederland trok Planet Multimedia-columnist Maarten Legène die in 2003 onmiddellijk in twijfel) nu nog het ongeloof en scepticisme bij Westerse diensten voedden over de betrouwbaarheid van de Amerikaanse inlichtingen..
Militaire opposanten
En dan: “Zolang Rusland het gevoel heeft dat er vooruitgang wordt geboekt met onderhandelen, zullen ze Oekraïne niet binnenvallen, redeneren de analisten van het Ruslandhuis.”
De tegengeluiden zijn er ook, zoals van ambassadeur Jennes de Mol in Oekraïne (in weerwil van zijn militair attaché Hans Hoppenreijs die braaf in diplomatie blijft geloven) en Geoffrey van Leeuwen, raadsadviseur van premier Rutte op het ministerie van Algemene Zaken.
Ook Onno Eichelsheim, Commandant der Strijdkrachten, gaat niet af op het stalen eigen gelijk van Akerboom en (in mindere mate) Swillens, en treft voorbereidingen om Nederlandse F-35’s bij een eventuele invasie in te zetten, ter bescherming van Baltische staten. Rob Bauer, voorzitter van het Militair Comité, wil volgens de Volkskrant voorbereidingen treffen voor een eventuele Russische invasie, maar vindt 15 van de 30 landen tegenover zich, waaronder Nederland.
Had het wat uitgemaakt als de Europese diensten, die van Frankrijk en Duitsland incluis, een oorlog wel serieus hadden genomen? Waarschijnlijk niet, want Oekraïne onder Zelensky bleef zelf eigenwijs.
Yesilgöz in de bocht
In een gevraagd commentaar bij RTL Nieuws zegt minister van Defensie Dilan Yesilgöz over de onthulling van de Volkskrant:
“Ik herkende niet alles.”
Klopt het dan niet?
“Ik kan er echt niet op ingaan. Dan moet ik u vertellen wat niet en wat wel en dat is het werk van inlichtingendiensten dus dat maakt het altijd ingewikkeld.”
Ze zegt dat Defensie zich al jaren goed voorbereidt en dan over de onthulling van de Volkskrant: “Dus de analyse zoals die daarin stond, herken ik niet…Wat ik u kan meegeven is dat wij alert zijn, dat wij zeer scherp zijn, dat onze Defensie al jaren aan het opbouwen is en klaar staat ingeval er ook richting ons bedreigingen zouden zijn, dus de analyse zoals die daarin stond herken ik niet.”Maar zij hebben best gedegen onderzoek gedaan…
Yesilgöz: “Wij ook”Als er ook maar een deel van klopt, dan is dat best zorgelijk…
Yesilgöz: “Wat ik u kan meegeven, is dat wij niet naïef zijn, alert zijn en hele deskundige mensen hebben.”Dus de conclusie dat de AIVD en MIVD de aanval van Rusland niet zagen aankomen, die onderschrijft u niet?
Yesilgöz: “Ik kan u alleen zeggen dat ik het artikel niet zo herken…Als er fouten worden gemaakt, dan leren we daar altijd van en dan zorgen we dat we die niet meer maken. In dit geval zou het weleens anders kunnen zitten.”
De blunder wordt in het Volkskrant-artikel erkend, maar niet door de betrokken bazen zelf. Voor hen heeft het geen gevolgen. Jan Swillens is gepromoveerd van chef van de MIVD tot Commandant Landstrijdkrachten. Erik Akerboom leidt de AIVD nog.
Huib Modderkolk van de Volkskrant over de reactie van Yesilgöz op LinkedIn: “Al onze bevindingen zijn voor publicatie gelezen door de directeur van de MIVD, de directeur-generaal van de AIVD, de Commandant der Strijdkrachten en de afdeling communicatie van Defensie. Het ministerie van Yesilgoz. En niemand van hen heeft bij ons de conclusies van het onderzoek bestreden…Maar de minister van Defensie vindt het nodig om te zeggen dat ‘het weleens anders zou kunnen zitten’ zonder dat verder te onderbouwen.
Stemt Defensie enerzijds in met het verhaal, en laat het departement vervolgens haar minister Yesilgöz twijfel zaaien aan de juistheid ervan?
Defensie-voorlichter Laurens Bos, verantwoordelijk voor de MIVD, beschermt Yesilgöz: “Wij hebben als voorlichting Defensie en MIVD niet gezegd dat de inhoud van het artikel juist is. De conclusies van het artikel zijn voor rekening van de auteurs/journalisten. Zoals u weet doen we nooit uitspraken in de openbaarheid over de informatiepositie en modus operandi van onze inlichtingen- en veiligheidsdiensten.”
Dat schiet niet op. Wat door de woorden van Yesilgöz heen lijkt te schemeren: in 2022 is de fout gemaakt en daar is van geleerd, dus nu doen de diensten het goed. Ook wordt in het artikel in de Volkskrant, anders dan in The Guardian en elders, vrij eenzijdig de fout van de Nederlandse diensten benadrukt, terwijl ook in andere landen, Duitsland en Frankrijk voorop, de Amerikaanse informatie in twijfel werd getrokken. Maar er waren ook Navo-landen die vóór een voorbereiding op oorlog stemden, wellicht vooral in Oost-Europa.
Tunnelvisie heerste in Den Haag, de meest desastreuze modus operandi in het inlichtingenwerk en dat onderliggende probleem mag meer nadruk krijgen: te weinig rekening houden met ongelijk. Iets dat de militairen Eichelsheim en Bauer niet verweten kan worden, afgaande op het Volkskrant-stuk. Ze volgden min of meer de Britse houding: we vertrouwen de informatie van de CIA, even los van het feit dat de Amerikanen te vaak onbetrouwbaar zijn, en waren in 2003 met de inval in Irak.
Het in twijfel trekken van de kern van het verhaal van Meindertsma en Modderkolk in de Volkskrant - en daarmee impliciet ook van de Guardian-onthullingen - door Yesilgöz is beschamend te noemen.
*) Beeld: Jan Swillens en Erik Akerboom bij de bekendmaking van nauwe samenwerking tussen MIVD en AIVD