De zaak rond Hulk Hogan en Gawker was een uitzonderlijk conflict tussen een celebrity en een roekeloze uitgever. De publicatie van een seksvideo, de daaropvolgende rechtszaak en de schadevergoeding van 140 miljoen dollar betekenden het einde van Gawker. Thiel financierde de zaak destijds nadat Gawker hem eerder al als homo had ‘ontmaskerd’. Volgens zijn eigen uitleg ging het hem om het corrigeren van een grensoverschrijding, niet om een aanval op de journalistiek als geheel.
Inmiddels blijkt Thiel investeerder te zijn in Objection.ai, een systeem waarmee journalistieke publicaties structureel kunnen worden betwist. Waar de zaak tegen Gawker nog draaide om langdurige en kostbare procedures, biedt Objection.ai laagdrempelige arbitrage buiten de klassieke rechtsgang, met oordelen van private onderzoekers en AI. In de Gawker-zaak maakten rechter en jury de afweging maakten tussen privacy en publicatievrijheid, maar Objection biedt een private, technologisch ondersteunde omgeving.
Experts en AI oordelen
Het proces benadert een juridische procedure, maar zonder institutionele bedding. Een publicatie kan worden aangevochten via een formele ‘objection’, waarna een private onderzoektak van Objection van betaalde (freelance) medewerkers het dossier opbouwt, en de betrokken journalist of redactie kan reageren. Vervolgens komt niet een rechter, maar een AI-systeem tot een oordeel, al dan niet aangevuld met arbitrage-afspraken tussen partijen. De uitkomst wordt vastgelegd in een publiek dossier.
Dat kan doorwerken in reputaties van media. Het argument dat dit noodzakelijke correcties op gebrekkige journalistiek mogelijk maakt, is begrijpelijk. Ombudsmannen en de Raad voor de Journalistiek hebben beperkte slagkracht, terwijl rechtszaken kostbaar en tijdrovend zijn. Objection.ai positioneert zich nadrukkelijk in dat gat.
Tegelijk laat de geschiedenis van de Gawker-zaak zien hoe asymmetrisch dergelijke tegenmacht kan uitpakken. Een volledig mediabedrijf verdween. De drempel om publicaties aan te vechten wordt lager, terwijl de kosten en tijd voor de aangeklaagde partij substantieel blijven. De druk neemt daarmee toe.
De vraag is of dit soort systemen ook in Nederland navolging krijgt. Discussies over bias, representatie en vertrouwen in de nieuwsvoorziening zijn ook bij ons nadrukkelijk aanwezig. In zo’n omgeving kan een systeem voor het aanvechten van journalistiek een plek krijgen en het debat over betrouwbaarheid mede bepalen.
Wanneer er naast bestaande correctiemechanismen een parallelle beoordelingslaag ontstaat, wordt het speelveld complexer. De vraag verschuift dan van ‘is een klacht terecht?’ naar ‘wie bepaalt dat, en op basis waarvan?’. Objection.ai introduceert daarvoor onder meer een ‘Honor Index’, bedoeld om zichtbaar te maken hoe journalisten en betrokkenen omgaan met de toetsing. “De Honor Index…geeft weer hoe journalisten en andere betrokkenen zich gedragen wanneer hun beweringen worden getoetst. Het zegt niets over populariteit of subjectieve bedoelingen.”
Publieke Raad voor de Journalistiek?
Een vergelijkbare aanpak als met Objection.ai kan ook in Nederland ontstaan, al dan niet met investering van vermogende individuen die willen afrekenen met media die hun reputatie scvhaden. Dat kunnen figuren zijn die zich verzetten tegen vermelding in lijsten als de Quote 500, of personen die zich anderszins geschoffeerd voelen en een rechtsgang te omslachtig vinden of bij de rechter en Raad voor de Journalistiek geen kans maken omdat de journalsitiek z'n werk goed deed.
Voor publiek en betrokkenen ontstaat zo een laagdrempelige mogelijkheid om klachten over media te laten toetsen, terwijl de journalistiek in de verdediging wordt gedrongen. De vraag is dan hoe bestaande instituties, zoals de Raad voor de Journalistiek of het Commissariaat voor de Media, zich tot deze ontwikkeling zullen gaan verhouden.
De toegang tot het recht als het gaat om onrechtmatige journalistieke uitingen is problematisch. Zo'n systeem is daar een antwoord op. Ik heb daar zelf ook al eens naar gekeken. Maar dan in relatie tot de volksgezondheid als het gaat om onzin van influencers. Het idee is hetzelfde: gebruik AI voor de goede zaak: een (kosten)effectief wapen om fouten in uitingen te corrigeren.
Alleen: ik denk dat het doel van Objection.ai niet het verbeteren van de vrije pers is, maar het afbreken ervan. Een vrije pers is in Thiels autoritair geleide wereld alleen lastig. Hij wil de media kalt stellen of irrelevant maken door ze te overstromen met een onhandelbare stroom van kritiek. Daarbij: als AI het antwoord geeft, kun je als journalist dat antwoord zelf ook vinden. Voorafgaand de publicatie. Een geautomatiseerde check. Dan weet je wat de AI op een klacht zal gaan doen en kun je daarop acteren. Zo kan AI de AI neutraliseren en is de meerwaarde nul. We gaan het zien.