Het is een terugkerende conclusie uit de 2026 Edelman Trust Barometer. In vrijwel alle ontwikkelde democratieën daalt het vertrouwen in instituties, en media vormen daarop geen uitzondering. Opvallend is niet alleen dát het vertrouwen afneemt, maar hóe: mensen trekken zich terug in hun eigen kring, wantrouwen instituties en zoeken bevestiging bij gelijkgestemden. De gedeelde werkelijkheid – de basis onder democratisch debat – erodeert.
Juist in zo’n context rust op journalistiek een zware verantwoordelijkheid. Niet om harder te roepen of scherper te agenderen, maar om te verbinden waar de samenleving uiteenvalt. Edelman noemt dat expliciet: media zouden spanningen moeten de-escaleren, verschillende perspectieven eerlijk moeten tonen en zich moeten onthouden van polariserende frames. Het is een oproep tot discipline, niet tot activisme.
Tegen die achtergrond is de recente discussie over ‘actiejournalistiek’ meer dan een semantisch debat. Het gaat niet over smaak of stijl, maar over de kern van het vak.
Van waakhond naar strijdmiddel
In zijn Netkwesties beschrijft Peter Olsthoorn de overstap van Eric Smit van Follow the Money naar het nieuwe platform The Firewall. Dat stuk laat zorgvuldig zien hoe The Firewall zichzelf positioneert: als journalistieke waakhond van Big Tech, maar met een expliciete stap extra. Waar traditionele journalistiek publiceert en hoopt dat de samenleving handelt, wil The Firewall zelf handelen – tot en met juridische procedures aan toe.
Ook The Firewall zelf is daar open over. In het ‘Over ons’-document staat dat men misstanden niet alleen onderzoekt en publiceert, maar deze – waar mogelijk – ook juridisch bestrijdt. Journalistiek en juridische actie worden organisatorisch gescheiden, maar inhoudelijk wel verbonden door één missie.
Dat is een principiële keuze. En juist omdat zij principieel is, verdient zij een heldere naam. De term actiejournalistiek wordt daarbij steeds vaker gebruikt – soms defensief, soms trots. Maar precies daar wringt het.
Het probleem met ‘actiejournalistiek’
‘Actiejournalistiek’ suggereert dat het bijvoeglijk naamwoord het zelfstandig naamwoord intact laat. Alsof journalistiek journalistiek blijft, maar er alleen een extra laagje activisme overheen komt. Dat is misleidend.
Nepbont is geen bont. Vegetarisch vlees is geen vlees. Kunstleer is geen leer. Instantkoffie is geen koffie, maar een aftreksel met dezelfde naam.
Het woord ervoor verandert niets aan de essentie erna – het maakt juist duidelijk dat het om iets ánders gaat. Zo ook hier. Zodra journalistiek structureel wordt gekoppeld aan een vooraf gedefinieerd doel – politieke verandering, juridische actie, maatschappelijke strijd – verandert de aard van het werk. Niet per se de kwaliteit, niet per se de intenties, maar wel het fundament.
Journalistiek is geen beschermd beroep. Iedereen kan zich journalist noemen. Juist daarom heeft de beroepsgroep zichzelf normen opgelegd: codes, leidraden, tuchtrecht. Niet om de journalist te beperken, maar om het vak te beschermen.
Codes als zelfbescherming
De Code van Bordeaux en de daarop gebaseerde NVJ-code zijn daarin cruciaal. Ze benadrukken kernwaarden die niet toevallig zijn: onafhankelijkheid, waarheidsvinding, hoor en wederhoor, scheiding van feiten en meningen, transparantie over werkwijze en correcties bij fouten.
Die codes zijn geen nostalgische relikwieën uit een tijd van vermeende neutraliteit. Ze zijn functioneel. Ze beschermen de journalist tegen druk – van politiek, van financiers, van activisten, en niet in de laatste plaats tegen zichzelf. Ze maken het mogelijk om macht te controleren zonder zelf macht te worden.
Dat onderscheid wordt diffuus zodra journalistiek onderdeel wordt van een actie-ecosysteem. Niet omdat journalisten niet integer zouden zijn, maar omdat doelen gaan sturen. Bronkeuze, timing, framing en zelfs nieuwsgierigheid komen onder druk te staan wanneer publicatie niet het eindpunt is, maar het begin van een campagne.
Engagement is geen actie
Dit is geen pleidooi voor kleurloze verslaggeving of morele leegte. Journalistiek mag geëngageerd zijn. Zij moet misstanden blootleggen, macht bevragen en onrecht zichtbaar maken. Dat doet zij al eeuwen.
Maar engagement is iets anders dan actie. Engagement hoort bij de motivatie van de journalist; actie bij de rol van andere instituties: politiek, rechtspraak, burgerbewegingen. Zodra die rollen samenvallen, ontstaat verwarring – bij het publiek, bij bronnen en uiteindelijk bij de journalist zelf.
De geschiedenis laat zien waar dat toe kan leiden. Verzuilde pers had een maatschappelijke functie, maar verloor geloofwaardigheid zodra de zuilen afbrokkelden. De latere professionalisering van journalistiek – met nadruk op objectivering en verificatie – was geen verraad aan idealen, maar een reactie op verlies van vertrouwen.
Vertrouwen vraagt begrenzing
De Edelman Trust Barometer laat zien dat dit wantrouwen zich niet alleen uit in scepsis tegenover instituties, maar vooral in een actieve terugtrekking van het publiek. Steeds minder mensen zoeken informatie buiten hun eigen overtuigingskader; blootstelling aan andersdenkenden neemt wereldwijd scherp af. In plaats daarvan wenden burgers zich tot bronnen die hun bestaande wereldbeeld bevestigen.
Edelman spreekt van een ‘insular trust mindset’: vertrouwen concentreert zich in de eigen kring, terwijl media, overheid en andere gedeelde instituties worden gemeden of bij voorbaat gewantrouwd. Die zelfgekozen informatie-isolatie versterkt polarisatie en ondermijnt de gedeelde werkelijkheid waarop democratisch debat en journalistiek rusten. Juist in zo’n context wordt journalistiek niet beoordeeld op zorgvuldigheid of verificatie, maar op herkenning: zegt deze bron wat ik al dacht?
De Edelman-cijfers laten zien hoe kwetsbaar vertrouwen is. Media staan onder druk, maar krijgen tegelijk een expliciete opdracht: wees betrouwbaar, wees voorspelbaar in je waarden, wees terughoudend in je macht.
In zo’n klimaat is het riskant om journalistiek verder op te rekken. Niet omdat nieuwe vormen per definitie slecht zijn, maar omdat verwatering dreigt. Als alles journalistiek is – activisme, campagne, rechtszaak – dan is uiteindelijk niets het nog.
Dat is geen pleidooi tegen The Firewall als initiatief. Het is een pleidooi vóór helderheid. Noem actie actie. Noem journalistiek journalistiek. Meng ze niet onder één noemer, want dat helpt niemand – behalve degenen die journalistiek toch al wantrouwen.
Journalistiek zonder toevoeging
Juist omdat journalistiek geen beschermd beroep is, moet zij zichzelf beschermen. Niet door zich af te sluiten, maar door scherp te blijven op wat haar onderscheidt. Dat vraagt discipline, zelfbeheersing en soms het weerstaan van de verleiding om méér te willen doen dan het vak vereist.
In een tijd van afnemend vertrouwen is dat geen zwaktebod, maar een kracht. Journalistiek zonder bijvoeglijk naamwoord is geen gemiste kans, maar een noodzakelijke voorwaarde voor geloofwaardigheid.
Wie verandering wil, heeft journalistiek nodig. Maar wie journalistiek wil beschermen, moet oppassen haar niet te belasten met een missie die zij niet kan dragen zonder zichzelf te verliezen.