Een wereld zonder auteursrecht is goed voorstelbaar

Auteursrecht was ooit een middel om kunstenaars aan een fatsoenlijk inkomen te helpen. Los van de vraag of dat zo functioneerde - de meeste van hen verdienden en verdienen er geen cent aan - moeten we toegeven dat auteursrecht vandaag de dag een geheel ander doel dient.

Auteursrecht is heden ten dage het gereedschap van conglomeraten op het terrein van muziek, boeken en films om de markt te beheersen. Zij kunnen bepalen of het beeld-, tekst- en muziekmateriaal dat zij in handen hebben door anderen gebruikt mag worden. En als dat mag, onder welke voorwaarden en tegen welke prijs.

De huidige Europese en Amerikaanse wetgeving geeft hen dat voorrecht voor een tijdspanne van zeventig jaar na de dood van de auteur. Onze culturele uitdrukkingsvormen worden er meer en meer door geprivatiseerd. Ons democratisch recht van spreken raakt steeds verder van ons verwijderd.

De miljoenen mensen die muziek en films op het internet uitwisselen nemen dit alles op de korrel. Zij weigeren te accepteren dat een bedrijf de eigenaar kan zijn van, bijvoorbeeld, miljoenen melodieën. Digitalisering zaagt aan de poten van het auteursrechtensysteem.

Wij zijn natuurlijk niet de eersten die zien dat het systeem van auteursrecht onhoudbaar is geworden: het veronachtzaamt de meeste kunstenaars in financieel opzicht en het schept de mogelijkheid om ons publieke domein van kennis en creativiteit te privatiseren.

Maar tot nu toe heeft niemand er zich aan gewaagd om een alternatief voor het auteursrecht te zoeken dat bestendig is voor de 21e eeuw, dat garandeert dat het publieke domein van kennis en creativiteit gerespecteerd wordt, dat veel kunstenaars een billijk inkomen in het vooruitzicht stelt.

Het gaat om een alternatief dat erkent dat door internet de wereld er echt anders uitziet dan in de 19e eeuw, toen het auteursrecht zijn beslag kreeg en de bizarre gedachte post vatte dat de kunstenaar een genie is die alles wat hij of zij creëert zelf verzint, bijna in naam van God, en die daarom zijn of haar creatie in eigendom mag hebben.

Cultureeel ondernemer

Om bij dat alternatief aan te belanden moeten we eerst vaststellen dat kunstenaars ondernemers zijn. Ze nemen het initiatief om een werk te maken en op de markt aan te bieden. Dat initiatief kan ook door anderen genomen worden, bijvoorbeeld door een producent of een opdrachtgever, die op zijn beurt kunstenaars aan het werk zet. Al die initiatiefnemers hebben één ding gemeen. Ze nemen het ondernemersrisico.

Wat het auteursrecht doet, is dat risico aanzienlijk verkleinen. De cultureel ondernemer krijgt rond zijn of haar werk voor decennia lang een beschermingshuls gedrapeerd, namelijk een monopolie om het werk te exploiteren dat zich kan uitstrekken tot meer dan een eeuw en dat alles kan omvatten wat ook maar enigszins op dat werk lijkt!

We moeten daarbij natuurlijk bedenken dat elk artistiek werk - of het gaat om een soap opera of een compositie van Luciano Berio of een film waarin Arnold Schwarzeneger glorieert - het merendeel van z'n bestanddelen ontleent aan het werk van anderen.

Kortom: aan het publieke domein van creativiteit en kennis. Is het dan niet overdreven om zulk werk zo'n forse bescherming en risico-uitsluiting cadeau te doen?

De genadeklap

Voor de meeste artistieke expressies is zo'n beschermingslaag helemaal niet nodig. Wat wij daarom voorstellen is dat in eerste instantie een werk het maar eens, op eigen houtje, op de markt moet proberen zonder de luxueuze bescherming van een auteursrecht. Immers, degene die het eerst op de markt komt heeft een tijds- en aandachtsvoordeel.

Het interessante van deze benadering is dat dit voorstel een genadeklap bezorgt aan culturele monopolisten die met hun sterren, blockbusters en bestsellers de aandacht wegslurpen van al het andere artistieke werk dat door kunstenaars gemaakt wordt.

Hoe gaat die genadeklap in z'n werk? Als het auteursrecht als beschermingshuls niet meer bestaat, dan kunnen wij allen artistiek werk gaan exploiteren en naar eigen plezier adapteren. Daarmee komen we terug bij de situatie zoals die feitelijk in vrijwel alle culturen en overal ter wereld - met uitzondering van het Westen vanaf de negentiende eeuw - bestond en bestaat: kunstenaars borduren voort op het werk van hun voorgangers. In vrijwel alle culturen wordt het heel vreemd gevonden dat iemand een artistieke creatie als zijn of haar eigendom kan beschouwen waar niemand aan mag komen!

Het effect van ons voorstel is dat een monopolistische markt verdwijnt en concurrentie wederom een kans krijgt. Dat feit opent een heel nieuw perspectief voor zeer veel kunstenaars. Ze worden niet meer uit de aandacht van het publiek weggedreven en velen van hen kunnen dan een inkomen verdienen met hun werk. Ze hoeven immers niet meer op te boksen - en te verliezen - tegen de marktdominantie van culturele giganten, want die is er niet meer! De markt wordt genormaliseerd.

Jaar lang bescherming

Uiteraard kan het voorkomen dat bepaalde artistieke expressies grote initiële investeringen vereisen. Hoge investeringen, flinke risico's en onzekerheid gaan vaak hand in hand. Competitie komt dan lastig tot stand. Dat is de tweede situatie waar we een oplossing voor moeten vinden. Denk daarbij aan films.

Wij stellen voor dat de risiconemers - de kunstenaar, de producent of de opdrachtgever - voor die werken een vruchtgebruik krijgen van een jaar. Binnen dat jaar hebben zij het alleenrecht om het betreffende werk financieel te exploiteren, met andere woorden om de economische vruchten daarvan te plukken. Maar uiteraard vallen die werken meteen na hun verschijning terug in het publieke domein en mogen naar hartelust cultureel geadapteerd worden.

Subsidieregeling

De derde situatie waar we een oplossing voor moeten vinden, is dat een artistieke creatie het ook met een vruchtgebruik van een jaar niet goed zal doen op de markt. Het publiek moet er bijvoorbeeld nog aan wennen, maar toch vinden we vanuit het belang van de culturele verscheidenheid dat zo'n werk moet kunnen bestaan. Voor deze situatie is het nodig dat er ruimhartig subsidies beschikbaar komen, want als gemeenschap moeten we er veel voor over hebben om allerlei soorten artistieke expressies een kans te geven.

Velen willen ons graag doen geloven dat we zonder auteursrecht geen artistiek werk en dus ook geen entertainment meer zullen hebben. Dat is onzin. We zullen er meer van hebben, uit meerdere kokers. Een wereld zonder auteursrecht is heel goed voorstelbaar. Het herstelt een 'level playing field' voor culturele productie in ere, het geeft een goed inkomen aan veel kunstenaars en het beschermt een publiek domein van creativiteit en kennis.

Marieke van Schijndel werkt als beleidsadviseur bij de Mondriaan Stichting. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Joost Smiers is auteur van Arts Under Pressure. Promoting Cultural Diversity in the Age of Globalization en verbonden aan de HKU als lector politicologie van de kunsten in de Onderzoeksgroep Kunst & Economie.

 

Dit is een beknopte Nederlandse vertaling van het artikel dat afgelopen weekend in de International Herald Tribune verscheen onder de titel Imagine a world without copyright, dat ook prompt op een aantal plekken is gekopieerd.

In die krant verscheen inmiddels een afwijzing van bovenstaand standpunt onder de kop No copyright? No thanks.

Gepubliceerd

14 okt 2005
Netkwesties
Netkwesties is een webuitgave over internet, ict, media en samenleving met achtergrondartikelen, beschouwingen, columns en commentaren van een panel van deskundigen.
Colofon Nieuwsbrief RSS Feed Twitter

Nieuwsbrief ontvangen?

De Netkwesties nieuwsbrief bevat boeiende achtergrondartikelen, beschouwingen, columns en commentaren van een panel van deskundigen o.g.v. internet, ict, media en samenleving.

De nieuwsbrief is gratis. We gaan zorgvuldig met je gegevens om, we sturen nooit spam.

Abonneren Preview bekijken?

Netkwesties © 1999/2024. Alle rechten voorbehouden. Privacyverklaring

1
0