Ik gebruik Windows. Outlook en Explorer zijn aan mij niet besteed en
ik ben aan het experimenteren met OpenOffice maar het besturingsysteem
op mijn desktop is nog steeds Windows 2000. Ik zeg het maar even om
aan te geven dat deze column niet is geschreven door iemand die al
jaren Linux gebruikt en nu vindt dat de rest van de wereld dat ook
maar eventjes moet overstappen.
Ik wil het hier hebben over het gebruik van open source en vooral de rol van de overheid daarin. Onvermijdelijk kom je in die discussie Microsoft
tegen omdat het nu eenmaal de dominante marktpartij is op de desktop.
Overheden zijn grootverbruikers op het gebied van software. Het aantal
desktops op ministeries, bij gemeentes en in het onderwijs moet
gigantisch zijn. En aangezien de overheid waarschijnlijk zelden
software zonder geldige licentie gebruikt is het bedrag dat de
Nederlandse Staat jaarlijks aan Microsoft afdraagt aanzienlijk (mocht
een lezer weten of hier wel eens cijfers over zijn gepubliceerd dan
hoor ik dat graag).
Het instituut voor Infonomics heeft een rapport
geschreven met aanbevelingen
voor het gebruik van open source software door overheden. Het
onderzoek is gefinancierd door de Europese Commissie. Het rapport
noemt een aantal redenen waarom overheden zouden moeten kiezen voor
het gebruik van open source in hun eigen organisatie. Op de eerste
plaats vanwege de kosten. Open source software is niet
noodzakelijkerwijs gratis maar meestal wel stukken goedkoper dan de
licenties van vergelijkbare Microsoft pakketten. Bovendien hanteert
Microsoft nu voorwaarden die feitelijk dicteren dat upgrades
plaatsvinden in een door Microsoft te bepalen tempo. Uit het rumoer
dat de Netwerk Gebruikersgroep Nederland heeft
gemaakt over deze nieuwe licentievoorwaarden blijkt dat er toch meer
aan de hand is dan wat gemor over de prijzen.
De overheid krijgt haar geld van ons allemaal om daarmee taken uit te
voeren die onze veiligheid en welzijn bevorderen. De besteding van dat
geld is dus iets waar kritisch naar moet worden gekeken. Het
overhevelen van grote bedragen uit de begroting van het Rijk en de
gemeenten naar Redmond terwijl er goedkoper oplossingen voorhanden
zijn is dus ongewenst. De vraag of de overheid voorop moet lopen en
dergelijk doen niet zoveel ter zake; het gaat gewoon om de efficiënte
besteding van gemeenschapsgeld.
Tweede reden die in het rapport word aangevoerd is de toegankelijkheid
van overheidsinformatie. Toegankelijkheid (niet te verwarren met
beschikbaarheid) is onder andere afhankelijkheid van standaarden en
kosten. Wanneer een ministerie haar publicaties uitsluitend in Word
formaat beschikbaar stelt dan is de burger genoodzaakt om een Office
pakket te kopen. Office XP standaard kost de lieve som van 719 euro.
Door een open standaard te gebruiken kan iedereen zo'n document lezen
zonder dat daar buitensporige kosten aan zijn verbonden. De toekomst
brengt op dit gebeid meer slecht nieuws aangezien Microsoft samen met
anderen werkt aan zogenaamd Trusted Computing wat er vooral op
neerkomt dat de controle over de PC vanuit Redmond spectaculair
toeneemt. Ik kom daar een andere keer op terug en verwijs nu naar de
uitstekende FAQ van Ross Anderson.
.
Tot slot zijn er gegevens die juist niet toegankelijk moeten zijn
zoals bijvoorbeeld privacy gevoelige gegevens die de overheid over
burgers heeft. De schrijvers van het rapport voeren aan dat met het
gebruik van open source de veiligheid van systemen wordt bevorderd.
Het is misschien wat kort door de bocht maar het lijkt mij evident dat
open source audits makkelijker maakt en aanpassingen van de software
op de eigen veiligheidsbehoeften mogelijk maakt. Bovendien lijkt de
wijze waarop de open source gemeenschap met lekken in de software
omgaat adequaat en snel.
Een van de belangrijkste opmerkingen in het rapport vind ik dat de
schrijvers weliswaar onderkennen dat de overheid een grootverbruiker
van software is maar dat die overheid daarmee niet een gewone grote
afnemer op de markt is. De overheid heeft een bijzondere positie omdat
haar contractuele vrijheid beperkter is. Zij heeft namelijk de
verplichting om het geld van de gemeenschap verstandig en efficiënt te
besteden (bedrijven hebben die verplichting niet en mogen alles over
de balk smijten wanneer ze daar zin in hebben). Feitelijk gaat het dan
om de organisatie rondom de aanbesteding van software. Het rapport
adviseert om de beschikbaarheid van de broncode als een functionele
eis in de aanbestedingen op te nemen.
Wie op zoek gaat naar het Nederlandse overheidsbeleid op het gebied
van open source zal weinig vinden. Zo heeft het ICTU
een experimenteel project voor open source maar
dat is niet meer dan een eerste verkenning. Open source wordt nog wel
genoemd in verband met cryptografie in de rapporten van de overheid
over grootschalig afluisteren (Echelon) maar op een cryptobeleid
heeft nog nooit iemand de Nederlandse overheid kunnen betrappen
(tenzij het gaat om het opleggen van beperkingen, achterdeurtjes en
verplichtingen om mee te werken aan ontsleuteling).
Ondertussen lijkt Duitsland een vooruitstrevende rol te spelen. Niet
alleen financiert de Duitse overheid de ontwikkeling van GPG
ook sloot zij onlangs een groot contract met
IBM voor de inzet van Linux.
De Duitse minister van Binnenlandse Zaken, Otto Schilly, zei daarover:
"We verhogen computer veiligheid door een monocultuur te vermijden en
we verlagen onze afhankelijkheid van een enkele leverancier". Dat moet
ik minister Remkes nog horen zeggen.
Maurice Wessling