Netkwesties XS4ALL
Menu HomeWebgidsZoekenReageerNieuwsbriefForumColumns


AMSTERDAM WEER EVEN PRIVACY CENTRUM

Vorige week was enerverend voor de privacy-voorvechters in den lande. Zo kwam op 18 januari BVD-directeur Gerrit Veenstra van elektronische opsporingen 'uit de kast', als inleider van Fred Baker die wees op technische gevaren van het afluisteren. Een dag eerder congresseerden tal van privacy-prominenten in een hotel in de Amsterdamse binnenstad.

Het Rathenau Instituut, een onafhankelijke denktank van de Nederlandse overheid, hield de Privacy Conference. Wetenschappers van - voornamelijk - Europese en Amerikaanse bodem kwamen bijeen om te debatteren over privacy en ICT. De conclusies, zo was tevoren al bepaald, kwamen gebundeld in een enkel document dat als de Declaration of Amsterdam de geschiedenis in moest gaan.

Opportunisme en ideologie

De meest uiteenlopende vakgebieden bemoeiden zich tijdens het congres met het onderwerp. Filosofen, staatsrechtdeskundigen en de voorvechters uit de loopgraven in de praktijkbogen zich over het grote privacy-vraagstuk. Dus ontstonden er al meningsverschillen over de meest basale termen: Wat is privacy? Wat is terrorisme? Wat is surveillance?

Het ontbreken van consensus over dergelijke termen is vooral terug te voeren op een gebrek aan objectief wetenschappelijk onderzoek naar privacy en daarmee samenhangende aspecten. Startpunten van discussies zijn meestal ideologisch en/of opportunisistich, veel meer dan dat ze gebaseerd zijn op empirisch wetenschappelijk onderzoek.

In de Declaration of Amsterdam pleiten de opstellers ervoor op nationaal en internationaal gebied meer onderzoeksprogramma's te starten die een duidelijk beeld moeten geven van privacybescherming en overheid: 'kwantitatief en kwalitatief onderzoek naar de impact van technologie op een samenleving'.

Wetgeving

Net zo min als er volgens de declaratie een wetenschappelijke consensus bestaat is er een sterk juridisch 'raamwerk'. De recente wetgeving in -met name- de angelsaksische landen hoe beangstigend ook, en ingegeven door een nieuwe doctrine, die van na 11 september, aldus de Brit Caspar Bowden: 'Om te zeggen dat we ons zorgen maken over de nieuwe Britse anti-terrorisme wetgeving is een understatement.

Ook de RIP act geeft overheidsinstellingen het onvoorwaardelijke recht om grote hoeveelheden data op te vragen, omdat er mogelijk een misdrijf is gepleegd. De nieuwe doctorine komt er op neer dat de overheid er vanuit gaat dat élke overtreding, hoe klein ook, mogelijk een terroristisch netwerk kan blootleggen.' Een parkeerbon is genoeg om de machinerie in werking te stellen, aldus Bowden.

Ook over zelfregulering, zijn de experts eenduidig: dit is een farce. Instanties die gegevens verzamelen - dit kunnen videotapes of bijvoorbeeld financiele gegevens zijn - tekenen bijvoorbeeld een convenant, of moeten voldoen aan een wet waarin ze stellen eerlijk met de bewaarde gegevens om te gaan. Volgens de experts blijkt maar al te vaak dat dit een symbolische daad is, die strandt in de praktijk door slecht uitgewerkte systemen.

'De belangen van de data-verzamelaar wegen bijna altijd zwaarder dan die van het individu', zo denken de opstellers van de declaratie.

Gezichtsscanner

Tijdens het congres passeerden er hilarische voorbeelden van groteske voornemens van - met name de Amerikaanse - overheid. De ACLU nam de plaats van de onderzoeksjournalistiek in, en groef documenten op die de onwerkbaarheid van de gezichtsscanners aantoonden (zie ook berichtgeving Planet Multimedia).

De gezichtscanner van Visionics wordt als het ei van Columbus voorgesteld door de Californische overheid en Visionics zelf.

Mondiale aandacht kreeg de scanner toen een boefje in een stadion werd aangehouden met behulp van de gezichtsscanner. Privacy-activisten vielen over elkaar heen, maar Collin Bennet, verbonden aan de ACLU protesteerde niet, maar boog zich over de feiten: 'We hebben een beroep gedaan op de Sunshine Act, en hebben de log-files van de apparaten opgevraagd.'

De gezichtscanners zijn geinstalleerd in het uitgaansdistrict van Tampa, in Florida. 'De politie en Visionics kregen nationale aandacht en kwamen in elk denkbaar televisieprogramma, maar uit de documenten bleek dat het apparaat niet werkte. Volwassen mannen werden 'herkend' als kinderen en vrouwen als mannen. Het apparaat vertoont succespercentage van precies 0 procent. Het rare is dat de politie tot vandaag de dag nog zegt dat het wel werkt'.

In het volledige onderzoek (pdf-bestand) geeft de ACLU een aantal voorbeelden waarom een dergelijk camerasysteem onwenselijk is: vooral daar op de lange duur misbruik onvermijdelijk lijkt.

Verveelde mannelijke politieagenten gebruiken de sterke zoomlens op camera's om vrouwen te begluren. In een bepaald geval gebruikten agenten de camera's om mensen te stalken en te bedreigen.

Prominenten

Een kort lijstje van de mensen die de gast waren van Rathenau:
David Banister, medeoprichter van de 'Electronic Privacy Information Center' (Epic.org) en adjunctdirecteur van het Britse Collin Bennet, verbonden aan de Universiteit van Victoria, gespecialiseerd in Communicatie en informatiebeleid. Hij vergelijkt onder meer de informatievergaring van verschillende landen.

Casper Bowden, directeur van de 'Foundation for Information Policy Research' (Fipr).

Professor Priscilla M. Regan, verbonden aan de Department of Public and International Affairs van de George Mason Universiteit.

[AW, 24 januari 2002]



Headlines

- Kazaa bevat kinderporno en privécorrespondentie

- Egyptische politie jaagt online op homoseksuelen

- Amerikaanse huisvrouw jaagt online op pedofielen

- Het bedwelmende Google-gevoel

- Forum: Stap terug sinds 11 september

- Amsterdam weer even privacy-centrum

- Reacties van lezers