DRM of heffingen: markt versus consumenten
'To be or not te be', dat is niet de vraag bij auteursrecht - het is en blijft er. De marges zijn minder groot dan de p2p-downloaders zich wellicht wensen, zo bleek op het auteursrechtensymposium vorige week in de Beurs van Berlage.
Het symposium had de hoopvolle thema 'Alternatieve Modellen voor Auteursrecht' meegekregen van de organisatoren Xs4all en Bits of Freedom. Deze titel was overigens al een stapje terug in vergelijking tot het predikaat 'Auteursrechtenvrij festival' van Xs4all een jaar geleden. Welke titel krijgen we volgend jaar? 'Omgaan met digitale rechten'?
In 2005 is er weer ruimte voor een symposium, want in de afsluitende paneldiscussie riepen de vier parlementsleden in koor dat de huidige Auteurswet, hoewel recent aangepast, dringend aan algehele vernieuwing toe is. "Een grondige herziening is nodig, want nu biedt de wet geen goede afweging tussen de grondbeginselen van vrije informatievoorziening en rechten voor intellectueel eigendom", aldus Ankie Broekers-Knol, eerste Kamerlid van de VVD. "Er moet geld naar de creatieve economie, maar de huidige wet leidt tot criminalisering van de consument", aldus Vendrik van GroenLinks. Van Dam (PvdA): "je kunt ook niets doen, dan loopt het systeem vanzelf spaak".
Maar vervolgens zijn de partijen het niet eens hoe je de rechten wettelijk vorm moet geven. Nicolien van Vroonhoven (CDA) wil het liefst zo veel mogelijk aan de markt overlaten, met contracten: "dat is me een lief ding waard". Maar ze zegt ook: "Ik vind niet dat minister Donner voldoende aandacht schenkt aan de balans die er moet zijn tussen de verschillende belanghebbenden bij het auteursrecht."
Daarmee uit Van Vroonhoven kritiek op haar partijgenoot. Ze deed dat op grond van een brief van Donner over het auteursrecht aan de Tweede Kamer. Die brief bleken de andere panelleden nog niet te hebben gezien, wat de discussie belemmerde. Hij staat nu online. In die brief stelt Donner dat de recente wetswijzigingen, nationaal met aanpassing aan de Europese Richtlijn en internationaal bij de Wipo, juist wel afdoende zijn "aangepast aan de nieuwe uitdagingen van de informatiemaatschappij... Dit recent gevonden evenwicht beoogt juist recht te doen aan de digitale revolutie van de afgelopen jaren, en reflecteert een zeer brede mondiale en Europese consensus ten aanzien van het rechtenstelsel en de noodzakelijk geachte uitzonderingen en beperkingen daarop. Gegeven deze politieke en juridische realiteit hoeft aan de houdbaarheid van het auteursrecht de komende jaren niet te worden getwijfeld."
Het was jammer voor de discussie in de Beurs van Berlage dat dit volkomen verschil van opvatting tussen de minister en parlementsleden niet kon worden uitgediept. Wel kwam op aandrang van discussieleider Erik Huizer (NOB) een pleidooi van de kamerleden voor vrijere digitale rechten van materiaal van de Publieke Omroep. Ze gaan daar eensgezind voor pleiten. "Ik heb de ervaring uit het onderwijs. Je moet ongeveer op je knieën smeken om beelden te krijgen. Dit is bespottelijk", zei Broekers-Knol van de VVD.
Ten eerste in onderwijs en wetenschap wringt, zo bleek tijdens het symposium, de schoen in het huidige recht. Nol Verhagen van de juridische commissie van bibliothekenclub Fobid. De speelruimte van de bibliotheken is beperkt met de nieuwe Auteurswet wat de wetenschappelijke vooruitgang kan belemmeren. Ook (visueel) gehandicapten lopen tegen de strikte bepalingen van de wet aan. De Kamerleden riepen eensgezind dat aan het laatste apart iets moet gebeuren.
In de genoemde brief zegt Donner wel het gevaar te zien dat het auteursrecht de innovatie en de ontwikkeling van 'netwerkinfrastructuren' kan belemmeren en dat technische beschermingsmaatregelen (lees: digital rights management of DRM) de toegang tot informatie kan hinderen met tarifering waar die ongewenst is. De minister noemt Creative Commons op internet als welkom alternatief van de strikte rechten.
Politiek incorrrect
Deze uiting van Donner reflecteert de ideeën van Bernt Hugenholtz van de Universiteit van Amsterdam. Dit is geen verrassing want hij is een adviseur waar Den Haag goed naar luistert.
Binnen het Instituut voor Informatierecht (Ivir) staat Hugenholtz aan de rechterzijde van het spectrum over rechten, zo bleek eerder tijdens de al jaren slepende discussie over onderlinge online uitwisseling van muziek.
Xs4all en Bits of Freedom boden hem niettemin uitgebreid de tijd om de circa 150 bezoekers van het symposium uitgebreid kond te doen van zijn, naar eigen zeggen soms 'politiek incorrecte' opvattingen over rechten. De voorkeur van Hugenholtz gaat uit naar DRM als beste mechanisme om rechten te beschermen, al ziet hij ook de nadelen van dit 'elektronisch prikkeldraad': zo kan DRM de informatievrijheid beperken en met de registratie van afname van materiaal per persoon de privacy aanzienlijk schaden.
Hugenholtz ziet het consumentenrecht als tegenwicht voor de, volgens hem noodzakelijk strikter wordende, rechtenhandhaving in digitale omgevingen: "Consumenten zijn bijzonder hoorbaar en actief aanwezig in de rechtendiscussie en terecht. Zou je gebruikslicenties voor muziek et cetera niet allemaal moeten toetsen aan het consumentenrecht?"
Dankzij deze rem van consumenten is DRM volgens Hugenholtz te verkiezen als beste heffingsysteem. Hij wees nog eens op het rapport Auteursrecht in de informatiemaatschappij dat hij mede schreef voor Justitie in 2002 en dat 'veel te weinig aandacht heeft gekregen. Daarin beschrijft hij al de nadelen van een 'sterk DRM' en een 'zwak DRM'. Bij het laatste blijft veel verkeer met rechten buiten de greep van de DRM-afrekening maar dat heeft als nadeel dat creatieve productie zal verminderen, denkt Hugenholtz.
Heffingen
Tegenover Hugenholtz staat Christiaan Alberdingk Thijm. Volgens hem is in het hele rechtenverhaal de consument al veel te veel ondergesneeuwd. Dat geldt evenzeer voor de recente wetswijziging, aldus neerlands bekendste internetadvocaat. De lezer/kijker/luisteraars is in feite buiten het debat gehouden, Dat is onterecht volgens Alberdingk Thijm, daar juist internet de rol van de consument grondig heeft herzien.
Die heet zich veel minder afhankelijk gemaakt van de exploitanten van rechten. In feite is de afstand tussen auteurs of rechthebbenden en consumenten verkleinde met systemen als Kazaa.
Echter, de wetgeving heeft de positie van de exploitanten nog eens nader versterkt, wat haaks staat op de ontwikkeling in de praktijk.
Daar komt nog een bij dat consument ook zelf meer en meer producent wordt, dat wil zeggen auteursrechten opbouwt. Weblog-publicatie is daarvan een goed voorbeeld.
Internet heeft, om in geleerder termen te spreken, volgens de voorman geleid tot vier ontwrichtende tendenzen: 'decentralisering, dematerialisering, deterritorialisering, deregulering'. De Auteurswet is daarop niet aangepast, integendeel, de toch al knellende banden daarvan zijn nog wat sterker gemaakt teneinde vooral de exploitanten te beschermen.
Dit gaat ten koste van zowel rechthebbenden als hun publiek, vindt Alberdingk Thijm. Met een systeem van heffingen, bijvoorbeeld een vast bedrag voor gebruik van een ruildienst, waarbij de vergoedingen over de rechthebbenden worden verdeeld. Eerder al pleitte hij voor zo'n systeem.
Probleem is, aldus Hugenholtz, dat een systeem van heffingen, dat generiek werkt, en DRM, dat per afname de kassa laat rinkelen, elkaar nagenoeg uitsluiten: je kunt niet individueel heffen en vervolgens toestaan dat onder algemene heffingen de verspreiding verder vrij is.
Hugenholtz vindt zo'n p2p-heffing te complex een geen recht doen aan de werkelijke exploitatie en daarom onbillijk ten opzichte van veel rechthebbenden. Hij vindt DRM en de daarop gegronde marktwerking rechtvaardiger.
Bij de keuze tussen DRM en heffingen voor verder vrije uitwisseling komen politieke opvattingen in beeld: de markt het werk laten doen (CDA) of meer verdeling van lusten en lasten (GroenLinks). Daar liggen maatschappelijke opvattingen aan ten grondslag:
Martijn van Dam (PvdA) tijdens de discussie: "De amusementsindustrie wil koste wat kost de handhaving en controle opvoeren, en vindt de wetgever aan zijn zijde. DRM is aardig, maar als van de zes miljard mensen er eentje is die de bescherming verbreekt dan is dat in principe goed genoeg om al die anderen van de gekraakte inhoud te voorzien. Als dit zo doorgaat worden uiteindelijk de auteurs de dupe."
Hugenholtz eerder: "Ik ken m'n Nederlandse pappenheimers. Die willen nooit betalen en zeker niet voor file-sharing. En waarom moet mijn vader van tachtig jaar die rechtenvrije muziek wil ophalen meebetalen aan de driften van een stel 11-jarigen die zijn opgegroeid met het principe dat ze zich niet hoeven in te houden?"
De voordrachten zijn te beluisteren op Auteursrechtsymposium.nl.
Peter Olsthoorn, 22 oktober 2004
|